Geen record, maar dat is bijzaak voor de Elfwegentocht

Dik tweeduizend duurzame voertuigen reden of voeren zaterdag door Fryslân. Een bonte stoet van vervoersmiddelen van de toekomst, die liet zien dat het kan: fossielvrij rijden.

Bij het Langdeel Aquaduct kruisten zaterdag de duurzame stoeten over land en water elkaar.

Bij het Langdeel Aquaduct kruisten zaterdag de duurzame stoeten over land en water elkaar. Foto: Jilmer Postma

Een lange, lange file over de Heliconweg. Maar in plaats van geronk klinkt er nu gezoem. Ziehier de langste - nou ja: de één na langste - parade van elektrische voertuigen ooit.

In anderhalf uur reden de wagens van Garyp naar Leeuwarden. Astronaut André Kuipers loste daar het startschot. Dat kan normaal een stuk sneller, maar behalve elektrische auto’s en auto’s op blauwe diesel rijden er ook gewone fietsers mee, een paardentram, skelters en zelfs een eenwieler. Veel mensen in Leeuwarden komen even naar deze bijzondere stoet kijken.

Bijzaak

Uiteindelijk hebben 378 elektrische auto’s meegedaan aan de parade: niet genoeg om het record van 505 uit het Guinness’ Book of Records te verbeteren. Maar ach: ,,Dat is byzaak”, meent projectleider Tsjeard Hofstra. Het belangrijkste is dat het peloton – ,,Ja, sorry foar de wielerterm” - is meegenomen in de duurzaamheidsdiscussie. De stoet werd voorafgegaan door 1009 fietsers (samen 2018 wielen). De organisatie schat dat er in totaal ruim tweeduizend voertuigen hebben meegedaan, zowel op de weg als op het water. Uiteindelijk was dat nog wel een record: alle duurzame voertuigen bij elkaar inclusief de fietsen. Maar dat is geen record dat door Guinness wordt bijgehouden en geregistreerd.

Ik doe m’n beste ideeën op tijdens het fietsen. Als ik dan op kantoor kom, heb ik al heel veel gedaan

Met de duurzame parade en veertien dagen fossielvrij reizen kunnen mensen zelf zien en ervaren dat het kan: fossielvrij rijden, dat is het voornaamste wat Hofstra betreft.

Zonnepaneel op de fiets

Herman Aartsen uit het Brabantse Steensel staat na aankomst in Leeuwarden op het WTC- terrein uit te hijgen, samen met zijn fietsmaat van de dag uit België. Ze kenden elkaar niet, maar blijken iets gemeenschappelijks te hebben: een zonnepaneel op de fiets.

Aartsen heeft die van hem op een bagagekarretje vastgemaakt. ,,Kijk ’ns: hier heb ik m’n kampeerspulletjes in. Een tas, een tent, een koelkastje. Ik pak een pilsje terwijl de fiets oplaadt. Dan kan ik de volgende dag weer verder.”

In drie dagen is hij naar Fryslân gefietst, speciaal voor de Elfwegenparade. Het is een test om te kijken hoe goed zijn zelfbedachte systeem werkt, voordat hij ermee op vakantie gaat naar verre, afgelegen oorden zonder stopcontact. ,,Maar, ik wil ook laten zien dat het anders kan.”

Geen tweede auto

Zijn Belgische fietsmaat uit Boekhout, die niet met z’n naam in de krant wil, knikt. Mensen die niet zo duurzaam bezig zijn, laten zien dat het anders kan: dat wil hij ook. Zelf fietst hij al een paar jaar elke dag naar z’n werk. Hij kocht uiteindelijk de fiets toen hij voor de keuze stond om wel of geen tweede auto te nemen. Het werd een elektrische fiets en spijt heeft hij nooit gehad: ,,Ik ben veel sneller op m’n werk. Als ik de auto pak, doe ik zo anderhalf uur over vijftien kilometer. Met de fiets ben ik sneller. En ik bespaar benzine én parkeergeld. Dat scheelt per jaar zeker twee- tot drieduizend euro”, heeft hij al eens berekent. En, voor wie nog niet is overgehaald: ,,Sinds ik fiets, ben ik zeker twintig kilogram kwijt geraakt.”

Ideeën

Jelle Wijbenga uit Grou knikt bewonderend. Hij fietst ook altijd naar z’n werk. ,,Lekker in de natuur, even met m’n hoofd in de wind. Dat werkt heel onthaastend.”

Dat vindt de Eindhovenaar nu ook: ,,Ik doe m’n beste ideeën op tijdens het fietsen. Als ik dan op kantoor kom, heb ik al heel veel gedaan. In de auto erger ik me alleen maar aan andere weggebruikers.”

De mannen moeten aan de kant. Ze staan in de weg. Er moet een trailer langs met een metershoog zonnepaneel van Stichting Dorpsmolen Reduzum. Jeljer Zijlstra rolt de verlengsnoeren uit als de aanhanger netjes is geparkeerd: zo kunnen al die elektrische fietsen mooi weer worden opgeladen dankzij Reduzum. Vrijdag stond de trailer bij Wolvega, bij de recordpoging simultaan laden en daarvoor in Appelscha. Reduzum wil daarmee laten zien haar verantwoordelijkheid te nemen voor duurzaamheid.

Het dorp heeft al sinds 1994 een eigen dorpsmolen en daarmee zijn in het dorp tal van projecten gefinancierd, zoals een schoolbus en openbare ledverlichting. Nu wil het dorp een hogere molen, zodat er vier keer zoveel energie gewonnen kan worden. Misschien kunnen ze daarmee elektrische deelauto’s kopen, bedenkt Zijlstra hardop.

Maar de provincie wil, in tegenstelling tot de gemeente, niet meewerken. Het lot van de molen ligt nu in handen van de rechter. Het is wat dat betreft duimen voor een goede afloop, want Reduzum wil vooruit met de duurzaamheid.

Waterstof

Roeland Westra uit Kollum bekijkt op het terrein ondertussen naar de uitvinding van Bruin Bergmeester uit Groningen: een loopfiets, oftewel Lopifit. Voor mensen die grote afstanden willen afleggen, maar liever wandelen dan fietsen. ,,Je kunt er wel 25 kilometer per uur mee”, promoot de zoon van de uitvinder.

Westra houdt het liever bij zijn oude Giant. Die is net nog voor tweehonderd euro opgeknapt: nieuwe remmen, nieuw stuur, nieuwe banden en de fiets rijdt weer alsof ‘ie net uit de fabriek komt. ,,Dat is ook duurzaamheid. Ik heb ook naar een nieuwe gekeken, maar het frame is nog prima. Zonde om ‘m weg te doen.”

Op de opgeknapte fiets is ‘ie de afgelopen veertien dagen elke dag naar z’n werk gefietst. Zeker zevenhonderd kilometer heeft hij nu in de benen. ,,En niet elektrisch.”

Hij houdt z’n bidon omhoog: ,,Dit is mijn brandstof.”

Fossielvrij rijden betekende voor hem elke dag vroeg op en laat weer thuis. Maar vooruit, hij moest er wat voor over hebben. Tenslotte is de Elfwegentocht mede bedacht voor studenten van de Friese Poort, waar hij als projectleider aan verbonden is. De studenten hebben een waterstofmotor ontwikkeld, die ook meerijdt in de tocht. Een beetje moe is ‘ie toch wel. ,,Maar ik denk dat ik volgende week ook maar weer op de fiets ga. Het is laatste week voor de schoolvakantie, dat moet kunnen.”

Nieuws

menu