Generaties groen zijn verdwenen uit de ecokathedraal door snoeidrama

Twee contrasterende werelden kwamen deze week pijnlijk samen in de ecokathedraal in Heerenveen. Het praktische snoeibeleid van de gemeente versus het ecologische groenbeleid van vrijwilligers van de ecokathedraal. ,,Je steekt toch ook geen mes in een Rembrandt?”

Iris en Mark Vogt, kleinkinderen van Louis Le Roy, nemen de schade op in de ecokathedraal.

Iris en Mark Vogt, kleinkinderen van Louis Le Roy, nemen de schade op in de ecokathedraal. Foto: Rens Hooyenga

Een beetje emotioneel wandelen Mark en Iris Vogt rond in de kilometer lange stadstuin die hun grootvader Louis Le Roy 53 jaar geleden steen voor steen, struik voor struik en boom voor boom begon op te bouwen. ,,Mijn hart sloeg een paar slagen over toen ik het hoorde”, zegt Mark. Hij kwam speciaal vanuit Rotterdam om de ravage met eigen ogen te bekijken. Hij wijst naar een achtergebleven stam van een doorgezaagde boom en schudt zijn hoofd. ,,Ik tel zo snel dertig ringen. Dat betekent dat er zomaar voor een paar generaties omgezaagd is. En deze boom is helemaal niet dood, maar springlevend. Onbegrijpelijk.”

Rigoureus te werk

Groenwerkers van de gemeente Heerenveen gingen drie dagen geleden rigoureus te werk bij het groenonderhoud. De bedoeling was om gevaarlijke begroeiing voor wandelaars en verkeersgebruikers in de straten om het park heen te snoeien. Maar al lopend door de ecokathedraal aan de Europalaan en Kennedylaan wordt duidelijk dat die opdracht ruim geïnterpreteerd is. Fruitbomen verdwenen van het terrein, bosjes liggen op hun kant en boomstammen lijken lukraak doormidden gezaagd. De voorjaarszon prikt ongewenst door de ontstane hiaten in de begroeiing heen.

De natuur gaat haar eigen gang

En dat terwijl het idee achter de ecokathedralen – Le Roy ontwikkelde ze ook in Mildam en Groningen – juist is dat de natuur haar eigen gang moet gaan. Le Roy, hij overleed in 2012, begon in 1965 in Mildam met een fundament van klinkers, tegels en trottoirbanden. De stenen werden los gestapeld, zodat dieren en planten de tussenruimtes konden gebruiken om te groeien en nestjes in te maken. Beheer met machines is uit den boze, alles gebeurt met de spierkracht van een vaste groep van maximaal vijf vrijwilligers.

Rouwadvertentie

Een van die vrijwilligers is Peter Wouda, die een paar keer per week als hoofdbeheerder in de ecokathedraal in het centrum van Heerenveen te vinden is. Toen hij ontdekte wat er was gebeurd, was zijn eerste reactie: we stoppen ermee. De groep vrijwilligers verzond een mailing waarin met een rouwadvertentie het einde van de ecokathedraal werd aangekondigd. Donateurs en volgers reageerden daar weer op: ,,We hebben het hier over pure kunst. Je steekt toch ook geen mes in een Rembrandt?”, zei donateur Sjoerd Bonnema.

We hebben het hier over pure kunst. Je steekt toch ook geen mes in een Rembrandt?

Bij Stichting TIJD, verantwoordelijk voor de nalatenschap van de ecokathedralen van Le Roy, begrijpen ze die emoties wel. ,,Mensen zoals Peter steken ziel en zaligheid in de ecokathedralen”, zegt Tineke Hempenius van de stichting. Toch benadrukt ze dat het statement om te stoppen niet van het stichtingsbestuur komt. Ook Iris Vogt, speciaal gekomen vanuit Zaandijk, begrijpt het. ,,We kennen Peter al lang en goed. Hij hoort bij de familie. Als mijn grootvader dit zou zien, zou hij ontzettend teleurgesteld zijn. Dat weet ik zeker.”

Boetekleed

Wethouder Hans Broekhuizen van de gemeente Heerenveen trekt het boetekleed aan. ,,Hier is iets vreselijk misgegaan. We hebben al het werk dat vrijwilligers hierin steken miskend. Dit is een leerpunt, want het gedachtegoed van Le Roy ondersteunen wij volledig.”

Spanningsveld

Hij legt uit dat er een spanningsveld is. ,,Met de storm van de afgelopen tijd zagen we dat een aantal bomen gevaarlijk over de wegen hing. Veiligheid gaat dan wel voor.”

Normaal overlegt de gemeente met de stichting voordat er onderhoud gepleegd wordt. Dat was nu ook gebeurd, maar een tweede gesprek over de concrete snoeiplannen bleef achterwege.

De gemeente is eigenaar van de grond, maar Stichting TIJD beheert de tuin. De manier waarop dit gebeurt is vastgelegd in een intentieverklaring uit 2005. De gemeente is inmiddels gestopt met het onderhoud en gaat met de mensen van de stichting in gesprek om herhaling te voorkomen.

Nieuws

menu