Genieten van het licht van Hendrik Willem Mesdag in de tuin in Beetsterzwaag. Dat kan door de tentoonstelling Van Lyndens erfenis in Huize Lyndenstein

Net als andere welgestelde, adellijke families verzamelden de Van Lyndens graag kunst in hun huizen in Den Haag en Beetsterzwaag. Hun collectie ging naar het Rijksmuseum, maar Stichting Historisch Beetsterzwaag haalde reproducties ervan naar Lyndenstein en zette ze in de tuin.

Kunst in de tuinen van Lyndenstein in Beetsterzwaag.

Kunst in de tuinen van Lyndenstein in Beetsterzwaag. Foto: Jilmer Postma

Het licht en de luchten van Hendrik Willem Mesdag, daar kan Froukje Belgraver-Douma erg van genieten. Met zus Klaske Vogel-Douma staat ze bij het doek Kalme Zee van de kunstschilder, met vissersboten in ondiep water vlakbij de kust. ,,Hoe meer je je erin verdiept, hoe meer je ziet’’, zegt ze.

In de overtuin van Huize Lyndenstein in Beetsterzwaag staan tien prieeltjes opgesteld, met veertig werken die baron Reinhard van Lynden en echtgenote Maria Catharina van Pallandt, die hier tussen 1860 en 1900 afwisselend woonden, verzamelden. Samen vormen ze de tentoonstelling Van Lyndens erfenis, die zaterdag werd geopend.

Vogel bekeek deze tentoonstelling voor het eerst, maar Belgraver – die in Beetsterzwaag in een woonzorgappartement verblijft - heeft dit buitenmuseum vlak om de hoek zitten en zocht het al vaak op. ,,Je kan wel rondleidster worden”, zegt haar zus.

Onbekend

De expositie is een initiatief van de Stichting Historisch Beetsterzwaag. Aanzet was het Culturele Hoofdstadjaar 2018, toen in Beetsterzwaag een tentoonstelling te zien was over jonkheer en reiziger Tinco Lycklama. Toen kwam ook het idee op om iets rond de familie Van Lynden te doen, vertelt Heleen Verhage van de stichting.

Het verhaal van op twintigjarige leeftijd aan tuberculose overleden Cornelia van Lynden is bekend. Ter nagedachtenis aan hun enige kind richtten haar ouders de Cornelia-stichting op, voor het verplegen van zieke kinderen in huize Lyndenstein. ,,Maar het verhaal van de schilderijencollectie van de familie was nog onbekend.”

Net zoals veel welgestelde, adellijke families verzamelden de Van Lyndens graag kunst. In Beetsterzwaag hingen ruim veertig werken, maar ook in hun verblijf in Den Haag werd een grote collectie aangelegd. Die werd later geschonken aan het Rijksmuseum. Toenmalig directeur Barthold van Riemsdijk kwam de schilderijen graag vooraf bekijken bij Van Pallandt, zo bleek uit een briefwisseling tussen de twee, waaruit werd voorgelezen bij de opening. ‘Ik zal ten half twaalf de vrijheid nemen aan te schellen’, schreef hij in 1899.

Eerste Monet

De stichting bekeek eerst of ze de werken konden lenen, maar dat bleek niet haalbaar. Reproducties maken was wel mogelijk. Het Rijksmuseum stelde afbeeldingen ervoor beschikbaar. Een werk van Claude Monet ( La Corniche bij Monaco ) dat nog altijd in dit museum hangt, was in 1900 het eerste van deze schilder dat in Nederland in het openbaar te zien was. Schenker Van Lynden kocht het aan toen de schilder hier nog onbekend was.

De werken zijn op ware grootte afgedrukt, met niet alleen informatie over de schilderijen zelf, maar ook over de ontwikkelingen in de kunsthandel, kunststromingen en over de familie zelf, hun huis en de tuinen, die een ontwerp zijn van Lucas Pieters Roodbaard. Reproducties van de schilderijen met een religieus thema uit de collectie van Van Lynden zijn in de Dorpskerk tentoongesteld.

Oslo

Niet alle werken zijn meer in het Rijksmuseum. Zo ging via de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed een werk uit Van Lyndens collectie naar de Nederlandse ambassade in Oslo. Rijksmuseum-conservator Jenny Reynaerts keek in haar toespraak bij de opening uit op de overtuin met de kunstprieeltjes: ,,Hier kunnen wij als museum ook weer van profiteren, door het weer bij elkaar te zien.”

De tentoonstelling blijft tot en met september staan, toegang is gratis