Hazen in het Noarderleech bij Hallum.

Moeten we de jager de schuld geven van de afname van het aantal hazen in Fryslân? Nee. Lees hier waarom niet

Hazen in het Noarderleech bij Hallum. Foto: Shutterstock

Jarenlang was ik honderden uren de haas op het spoor om op ogenschijnlijk simpele vragen een antwoord te vinden en de cyclische schommelingen in hazenpopulaties te verklaren. Mijn slotconclusie is dat niemand de belangen van de haas beter dient dan iemand met het hart van een jager.

Volgens tellingen van de Zoogdiervereniging zouden de aantallen hazen sinds 1950 met circa 60 procent zijn afgenomen. Als soort op de Rode Lijst betekent de indicatie ‘gevoelig’ dat het nodig wordt geacht om op deze soorten ‘te letten’. Landbouwminister Carola Schouten laat nu onderzoeken of de haas en het konijn van de lijst van (vijf) vrij bejaagbare wildsoorten geschrapt moeten worden. Daarmee reageert ze op een motie van de Partij voor de Dieren en de SP.

Acht hectare per dag

De afname van de haas in absolute aantallen is hoofdzakelijk een gevolg van de voortgaande kwantitatieve achteruitgang van het leefgebied. Er verdwijnt per dag gemiddeld acht hectare leefgebied aan onder andere woningbouw, industrie, wegenbouw. Dat is een kleine 3.000 hectare per jaar. In vijftig jaar is dat circa 150.000 hectare! Het aantal hazen per 100 hectare leefgebied (dichtheid) is, voor de meeste landschapstypen, daarentegen de afgelopen periode juist toegenomen.

In het tijdschrift Science wordt door ecologen melding gedaan van een opmerkelijk veldexperiment van (Amerikaanse) hazen in het Yukon-territorium. Er werden gedurende acht jaar gebieden afgezet. In het eerste gebied kregen de hazen extra en gevarieerd voedsel: gevolg was een verdrievoudiging van de populatie in enkele jaren. In het tweede gebied werden roofdieren geweerd: zonder roofwild (vos, kat, en dergelijken) was er een verdubbeling van de populatie in enkele jaren. De meest fortuinlijke hazen kregen een dubbele voorkeursbehandeling: veel en gevarieerd eten en rovers eruit. Resultaat: elf keer zoveel hazen in enkele jaren. Dat cijfer geeft te denken!

Toch een dip

Toch konden de ecologen niet verhinderen en verklaren dat na een aantal jaren ook in het ‘paradijs’ een dip in het aantal hazen optrad.

Uit mijn eigen onderzoek ‘ Ecological and social capacity of hares in different landscape types’ blijkt echter dat een te hoge dichtheid aan hazen, door onder andere te weinig afschot, juist ‘nadelig’ is voor een goede en gezonde hazenstand. Bij een te hoge hazenstand wordt de sociale draagkracht van een gebied overschreden en treedt er, onder andere door stress en conditievermindering, een sterke afname van de reproductiecapaciteit bij de moerhazen op. Maar ook een toename van infectieziekten en daardoor een hogere hazensterfte. Dus minder aanwas (jonge hazen) en meer mortaliteit (sterfte).

De weidelijke jacht op basis van verstandig en duurzaam gebruik is dus niet de oorzaak van de vermeende achteruitgang van de hazenpopulatie. In Nederlands leven circa 600.000 hazen (herfststand) en is de gunstige staat van instandhouding van de soort dus geheel niet in het geding.

Grote pluim voor jagers

De Nederlandse jagers, qua opleiding in theorie en praktijk het beste aangeschreven in Europa, verdienen juist een grote pluim voor hun bijdrage aan onder andere een goede en gezonde hazenstand (wildstand). Bij het ontbreken van een redelijke hazenstand draagt de jager er - conform de Wet Natuurbescherming - juist zorg voor dat er weer een redelijke hazenstand bereikt wordt. Vooral door het uitvoeren van kleinschalige biotoopverbeteringsmaatregelen in combinatie met het intensief en jaarrond bestrijden van het (in soorten en aantallen toenemende) roofwild zoals de vos.

Circa 2,9 miljoen huiskatten en enkele honderdduizenden verwilderde katten prederen per jaar minimaal zeventien miljoen vogels, jonge hazen, etcetera.

Dolksteek in de rug

Niemand kan de belangen van de haas dus beter dienen dan iemand met het hart van een jager. Daar dient veel meer aandacht voor te zijn bij politiek en beleid. De grote inzet en betrokkenheid van jagers / wildbeheerders dient niet gestraft te worden met een contraproductieve maatregel om de haas van de wildlijst te schrappen.

Dat is voor de weidelijke jagers - de ogen en oren in it Frije fjild - een dolksteek in de rug en dan is de haas echt het haasje.

Ing. Klaas Johanneszoon Stapensea is geboren in Boer (1996) en heeft in 2014 de onderneming Talpa de Witte Mol in Emmeloord opgericht. Het bedrijf is gespecialiseerd in mollenbestrijding, faunamanagement en ecologisch advies.