Kinderen kijkt naar kringlooplandbouw: ‘Zij denken nog zonder belemmeringen’

De provincie Fryslân roept de hulp in van kinderen en jongeren bij het zoeken naar oplossingen voor natuurinclusieve landbouw. ,,Kinderen denken nog zonder belemmeringen.”

Gedeputeerde Klaas Fokkinga trapt het ECOLE-project af tijdens een virtuele bijeenkomst met leerlingen van twee middelbare en twee basisscholen.

Gedeputeerde Klaas Fokkinga trapt het ECOLE-project af tijdens een virtuele bijeenkomst met leerlingen van twee middelbare en twee basisscholen. Foto: Jilmer Postma

Ruim zeventig gezichten kijken via het scherm de bijna lege mediatheek van het Drachtster Lyceum in. Onder hen ook kinderen van basisscholen ’t Holdernêst in Harkema en De Wâldiik in Boelenslaan. Voor de leerlingen van de middelbare scholen Singelland in Surhuisterveen en het Drachtster Lyceum is zo’n online sessie, na maanden van lessen volgen vanuit huis, duidelijk al een bekend ritueel. Nieuwsgierig kijken ze vanachter hun laptop de camera in.

Vandaag krijgen ze te horen wat er van hen verwacht wordt in het ECOLE-project, een initiatief van adviesbureau IVN en het aansluitingsnetwerk vo-ho Fryslân. Gedeputeerde Klaas Fokkinga laat de vier opdrachtenveloppen, één per school, aan de camera zien. Hij is aangekondigd als ‘een soort minister van de provincie Fryslân’. Fokkinga legt uit hoe belangrijk het landbouwdossier voor de provincie Fryslân is. ,,Wy wolle nei in kringlooplânbou dêr’t mear romte is foar it bioferskaat, in sûne boaiem, en minder belêsting foar it klimaat. Der moat goed, sûn iten produsearre wurde dat lekker mar ek duorsum is. De provinsje is op syk nei de wize wêrop’t wy dat better dwaan kinne, en wy freegje jim om help.”

Inbreng jeugd

De provincie is bezig met een kennisagenda voor de landbouw. In juni wordt er in Provinciale Staten over gesproken. ,,As man fan it ûnderwiis mis ik de ynbring fan de jongerein yn dat wichtige dossier”, zegt Fokkinga. ,,It is miskien obligaat, mar de jeugd hat de takomst. Ik bin benijd hoe’t se sjogge nei de lânbou en wat har opfalt. Op in byienkomst yn april komme se mei ideeën. Dêr kinne wy yn ús petear ús foardiel mei dwaan.”

Wat Hendrik Elzinga, aardrijkskundedocent op het Drachtster Lyceum, aanspreekt is dat leerlingen in eigen omgeving gaan kijken. ,,Terwijl de landbouw onze omgeving kleurt, gaat het in de les vaak over verre gebieden.”

Hij ziet ook dat het motiveert dat de provincie een serieuze opdrachtgever is. ,,Het is haast een professionele stage.”

As man fan it ûnderwiis mis ik de ynbring fan de jeugd yn it wichtige lânboudossier

Het idee is dat leerlingen de komende weken een eigen bedrijfje, ieder op eigen niveau, inrichten. Door in de praktijk te kijken op boederijen in de buurt of door experts in de klas uit te nodigen, krijgen ze een beeld waar het over gaat. Docenten zijn geïnstrueerd om op hun handen te gaan zitten, zodat kinderen zich vrij voelen om zelf met ideeën te komen.

Hogeschool Van Hall Larenstein is bij het project aangehaakt. ,,Een tweede aspect van het project is dat we de muren tussen primair onderwijs en voortgezet onderwijs en vervolgens het beroepsonderwijs willen slechten”, zegt Bert Colly van het Aansluitingsnetwerk vo-ho (voortgezet onderwijs-hoger onderwijs). ,,Van Hall-docenten geven lessen over de bodem op middelbare scholen. Andersom gaan vo-leerlingen in gesprek met kinderen in het basisonderwijs. Tegelijk werken ook leerlingen uit andere landen aan een vergelijkbaar project. Er wordt op meerdere terreinen samengewerkt. Ook dat is winst.”