Kinyonyi Chondo uit Sneek weet in zijn hart dat hij moet helpen in thuisland Congo

Kinyonyi Chondo uit Congo kwam in 2012 als uitgenodigde vluchteling met zijn gezin naar Sneek. Vanaf hier probeert hij weeskinderen en andere kwetsbare groepen in zijn land te ondersteunen.

Mwalibola Bútúnga en Kinyonyi Chongo blijven weeskinderen in Congo steunen.

Mwalibola Bútúnga en Kinyonyi Chongo blijven weeskinderen in Congo steunen. Foto: Niels de Vries

,,Zolang ik leef, weet ik in mijn hart dat ik mensen moet helpen”, vertelt Kinyonyi Chondo (52). 26 jaar was hij toen zijn vader overleed en hij de zorg kreeg voor zijn jongere broertjes en zusjes. Zijn studie filosofie kon hij niet afmaken. Zijn moeder was erg ziek en kon weinig doen. ,,Toen kwam ik erachter hoe moeilijk het is om weeskind te zijn. Ook op die leeftijd voelde dat eenzaam.”

Die ervaring maakte dat hij in 1998 hulporganisatie Upros-Tanganyika oprichtte, in Fizi dat vlakbij het Tanganyikameer ligt. De stichting is er voor kinderen die door de burgeroorlog in het land hun ouders verloren. Zij krijgen er een thuis en te eten, en de stichting zorgt er ook voor dat ze naar school kunnen. ,,Ik heb mijn opleiding niet afgemaakt. Ik vind het belangrijk dat kinderen zich kunnen ontwikkelen. Zo kun je de toekomst beter maken. Wie weet wat de kinderen die we helpen kunnen worden, misschien wel president”, zegt Chondo.

Upros

Hij doet zijn verhaal in het Kibembe. Zijn oomzegger Msokolo Ramazani Dieudonne, die verderop in Sneek woont, zit bij het gesprek als tolk.

Andere kwetsbare groepen worden ook geholpen door Upros, zoals alleenstaande moeders, weduwen en ouderen. Daarnaast wil de stichting onder andere voorlichting geven over aids en andere ziektes.

Chondo is nog altijd directeur van de organisatie, maar zit noodgedwongen op afstand in Sneek. Als oprichter van een organisatie werd hij ervan verdacht politiek actief te zijn. Dat was hij niet - en zijn organisatie wil zich ook niet mengen in politieke discussies - maar elke schijn daarvan was al gevaarlijk, vertelt hij. ,,Mensen werden doodgeschoten.”

Weeskinderen

De Congolees ontvluchtte zijn land in 2001. Weg van het geweld dat het land op dat moment al jaren teisterde. Met zijn kinderen en Dieudonne, 24 kinderen van het weeshuis en dertien vrijwilligers van de stichting trokken ze naar Kenia. Daar kregen ze hulp van verschillende organisaties, onder andere via de kerk. Maar het bleek moeilijk voor iedereen in basisbehoeften te voorzien. Enkele leden van de organisatie keerden daarom in 2006 samen met de weeskinderen terug naar Congo.

,,De kans is groot dat de nieuwe president grote dingen gaat doen.”

Momenteel werken er zo’n 35 vrijwilligers voor Upros, dat nu 68 kinderen opvangt.

Op uitnodiging

Voor Chondo was terugkeren naar Congo niet veilig. Hij en zijn gezin bleven achter in Kenia, in een vluchtelingenkamp, en kwamen in 2012 op uitnodiging van Nederland (de overheid nodigt ieder jaar een groep vluchtelingen uit) naar Sneek.

Voor hem en zijn vrouw Mwalibola Bútúnga was het moeilijk het werk achter te laten. Ook zij is vanaf het begin betrokken bij de stichting. Ze hebben het goed hier, vertelt ze, maar het valt haar zwaar dat kinderen daar niets te eten hebben of geen schoenen om aan te trekken. Chondo: ,,Het project is als een kind. Als je gedwongen weg moet, is het alsof je je kind achterlaat.”

In Sneek bouwt het echtpaar een nieuw leven op. Ze hebben zeven kinderen. Negen met Dieudonne meegerekend, en een alleenstaande vluchteling die ze momenteel opvangen.

Meer geld nodig

Upros probeert zoveel mogelijk zelfvoorzienend te zijn. Op vier hectare land worden onder andere cassave, mais, rijst, bruine bonen en noten verbouwd. Een deel van de oogst wordt verkocht, het geld gaat naar de doelgroep, maar het is te weinig om alle kosten te dekken.

Chondo is naarstig op zoek naar meer donateurs. Hij wil zoveel mogelijk mensen vertellen over het werk van de stichting. Wilde daar meteen al mee beginnen toen hij hier in 2012 kwam, maar de taal blijkt een moeilijke barrière.

Het project is als een kind. Als je gedwongen weg moet, is het alsof je je kind achterlaat

Er is meer geld nodig, onder andere voor schoolspullen voor de kinderen, voor bedden en matrassen voor hulpbehoevenden die niet in het opvanghuis wonen en voor schoolgeld zodat de kinderen lessen kunnen volgen.

Aan de muur bij de familie hangt een portret van Nelson Mandela. Hij is een groot voorbeeld. Als er meer mensen zoals hem waren, zou er in Afrika geen hulp nodig zijn, denkt Chondo.

Hij is hoopvol over de toekomst van zijn land. ,,De kans is groot dat de nieuwe president grote dingen gaat doen.”

Contact opnemen kan via: Kinyonyichondo@yahoo.com

Lees ook: Garagehouder uit Syrië wil het opnieuw proberen met een schadeherstelbedrijf in Uitwellingerga

Nieuws

menu