Staten roepen Friese sporters op zich uit te spreken tegen uitsluiting lhbtiq+'ers: ,,We zingen wel 'Hand in hand kameraden', maar we zien het niet altijd terug op het sportveld”

Friese sporticonen moeten zich uitspreken tegen discriminatie van seksuele minderheden in de sportwereld. De provincie zou daar een campagne voor moeten opzetten, vinden de Staten. Ze namen daar woensdag een motie over aan.

De voorzitter van Drachtster Boys Gijs Lokhorst (rechts) en Anna de Groot van het COC hesen in februari 2021 de regenboogvlag op sportpark Drachtster Bos om aandacht te vragen voor acceptatie van lhbtiq+'ers in de sport.

De voorzitter van Drachtster Boys Gijs Lokhorst (rechts) en Anna de Groot van het COC hesen in februari 2021 de regenboogvlag op sportpark Drachtster Bos om aandacht te vragen voor acceptatie van lhbtiq+'ers in de sport. Foto: Jilmer Postma

,,De helft van de voetbalprofs schat in dat het moeilijk is om in het voetbal uit de kast te komen en zeven op de tien spelers ervaren de voetbalwereld als lhbtiq+-onvriendelijk”, haalde PvdA-Statenlid Jaap Stalenburg onderzoek daarover aan. ,,Wy wolle oan lhbtiq+’ers útdrage: wy sjogge jim, wy wolle dat jim meidwaan kinne lykas elkenien, yn in feilige sportive omjouwing”, aldus Wieke Wiersma (CDA).

De Staten willen dat gedeputeerde Sander de Rouwe de KNSB en andere sportbonden vraagt om sociale veiligheid en tolerantie een vast onderdeel te laten zijn in opleidingen tot sportcoach of trainer.

COC Fryslân en andere deskundigen zouden aanvullend op de bestaande voorlichting projecten moeten opzetten die specifiek gaan om bewustwording en acceptatie van seksuele minderheden in de sport. Ook zou de provincie Top Sport Noord een boot moeten aanbieden op het aankomende Pridefestival in Leeuwarden, zodat zij met topsporters haar steun laat zien voor lhbtiq+’ers.

Niet pamperen

De motie van GrienLinks, D66, PvdA, SP, PvdD, CDA, 50PLUS en FNP kreeg brede steun in de Staten, maar niet van iedereen. ,,Mensen hebben alle middelen ter beschikking om voor zichzelf op te komen als ze zich minderwaardig behandeld voelen”, vond Erwin Jousma (FVD). ,,Wij willen niet pamperen, geen slachtoffergroepen creëren. Het is de taak van ouders om kinderen op te voeden tot weerbare individuen.”

Met de gelijkheid van iedereen vastgelegd in de wet zag Jousma verder geen taak voor de overheid om discriminatie in de sport tegen te gaan. ,,Dit is een veel te socialistisch plan. Liberale en conservatieve waarden verdwijnen, het systeem gaat kapot”, aldus Jousma, die om voorbeelden vroeg dat er echt wordt gediscrimineerd in de sport.

,,Dat het jou niet overkomt, betekent niet dat het er niet is. Dat het in de wet niet mag, betekent niet dat het niet gebeurt”, zei Hanneke Goede (SP) in haar bijdrage, waarin ze vertelde over eigen ervaringen met ,,spot en structurele pesterijen” op de sportschool.

Gefronste wenkbrauwen

Volgens PVV’er Harrie Graansma zijn de partijen die het meest opkomen voor tolerantie tegelijk de partijen die immigratie van mensen ,,út diskriminearjende kultueren” zouden bevorderen. ,,Ik kin dat net rymje.”

Hij wist wel mee te praten over discriminatie, namelijk over de uitsluiting van de PVV door andere partijen. ,,Uitsluiting op basis van een mening is misschien wel erger dan uitsluiten op basis van afkomst”, meende FVD’er Jousma. Die opmerking deed de nodige wenkbrauwen fronsen, maar in de snelheid van het debat ging niemand erop in.

Gedeputeerde De Rouwe steunde van harte het appel van de Staten voor tolerantie in de sport. ,,Er zijn steeds meer sportverenigingen die werk maken van antidiscriminatie, maar ook in de Friese sport is het voor veel mensen nog heel moeilijk om zich vrij te voelen in hun geaardheid. We zingen wel ‘hand in hand kameraden’, maar we zien dat niet altijd terug.” Hij benadrukte dat vrouwen in de sport wat dit betreft het goede voorbeeld geven.

Hij zegde toe ,,te doen wat redelijkerwijs van de provincie verwacht kan worden” om de motie uit te voeren.