Lokale energiecoöperaties raken gefrustreerd door provinciaal beleid dat hen dwarsboomt

De groei in het aantal energiecoöperaties in Fryslân stagneert. Ook komen lokale projecten moeizaam van de grond. Het schrappen van de subsidie voor de Energiewerkplaats Fryslân (EWF) door de provincie is daarvan een van de oorzaken, stelt Beau Warbroek in een onderzoek naar knelpunten voor energiecoöperaties.

Zonnepark Garyp, een succesvol lokaal initiatief.

Zonnepark Garyp, een succesvol lokaal initiatief. Foto: Marcel van Kammen

Het vouchersysteem dat ervoor in de plaats kwam, waarbij coöperaties een deel van het advieswerk van de EWF vergoed krijgen, werkt volgens hem moeizaam. Een coöperatie moet de helft van de advieskosten zelf betalen. Dat is vooral voor een beginnende coöperatie een knelpunt. Ook is de voucherpot snel leeg.

Warbroek, die in 2019 promoveerde op een onderzoek naar de Friese energiecoöperaties, was bij dat nog onderzoek lyrisch over de door de provincie betaalde ondersteuning van de EWP. ,,Zonde dat dat is stilgevallen”, zegt hij nu.

Financiering

Verder is het volgens hem ook lastig voor de coöperaties om financiering te vinden. ,,Fryslân kent het Fûns Skjinne Fryske Enerzjy (FSFE), maar dat rekent 4 procent rente. Dat is voor een commerciële projectontwikkelaar misschien geen probleem maar voor een energiecoöperatie kan het betekenen dat ze hun businesscase niet rondkrijgen.”

Dat er na een forse groei in de afgelopen tien jaar van het aantal energiecoöperaties een stagnatie optreedt, was volgens hem wel te verwachten. Maar uit de gesprekken die hij met coöperaties had bleek er meer aan de hand te zijn.

Zo komen er bij de bestaande coöperaties veel projecten moeizaam van de grond. ,,De druk op vrijwilligers is groot. Ze steken er heel veel uren in, maar het is best ingewikkelde materie. Expertise van buitenaf is van cruciaal belang, maar dat kost geld. Eén keer een dakberekening laten maken voor zonnepanelen is wel op te brengen. Maar als een dak niet goed is en er meer berekeningen moeten komen zit een coöperatie snel klem. En bij onderhandelingen over grond en andere zaken is hulp van deskundigen noodzakelijk.”

Burgerinitiatieven

Volgens Warbroek zijn gemeenten, zelfs na de vlucht die de coöperaties de afgelopen tien jaar hebben genomen, nog niet goed ingespeeld op initiatieven van onderop. ,,Ze zijn gewend bij aanbestedingen met bedrijven op te trekken. Maar hoe ze dat met burgerinitiatieven moeten aanpakken is bij veel gemeenten nog onbekend.”

Dat vereist volgens hem een cultuurverandering. ,,Gemeenten moeten bij zulke initiatieven niet gelijk de deur dichtgooien als een businesscase naar hun idee niet sterk genoeg is. Durf meer risico te nemen en laat de teugels in sommige gevallen vieren is mijn advies.”

Slimme combinaties

Bij een bedrijfsplan van een lokale coöperatie zou volgens hem met andere maatstaven moeten worden gemeten. ,,Gemeenschappen zijn er goed in om de uitdagingen integraal te bekijken en slimme combinaties te maken. Maar bij een subsidie-aanvraag bij een gemeente valt het onder verschillende afdelingen en valt het plan uit elkaar. Een integrale aanpak verliest zo momentum.”

Ook het landelijke SDE+-subsidiesysteem is meer toegesneden op projectontwikkelaars dan op lokale initiatieven. ,,Energiecoöperaties met hun vrijwilligers zijn veel meer tijd kwijt met het ontwikkelen van een project. Tegen de tijd dat ze hun subsidie-aanvraag kunnen indienen is de pot leeg of de regeling gesloten.”

Vliegwieleffect

Overheden zouden in hun afwegingen ook moeten meenemen dat de opbrengsten van een lokaal initiatief, anders dan bij een projectontwikkelaar, terugvloeien in de gemeenschap. ,,Daarmee kunnen weer nieuwe projecten worden opgezet en creëer je een vliegwieleffect.”

Dat Fryslân boeren wel toestaat kleine windmolens op het erf te zetten maar energiecoöperaties deze molens niet mogen aanschaffen, werkt volgens hem ook niet mee. ,,Je krijgt zo een tegenstrijdig speelveld. Aan de ene kant geeft de overheid kansen maar werkt ze die ook weer tegen met landschappelijk beleid.”

Deze ontwikkelingen stemmen Warbroek niet optimistisch wat betreft de toekomst van energiecoöperaties. ,,Ik kan me voorstellen dat gezien deze ontwikkelingen mensen minder staan te springen om een energiecoöperatie te beginnen.”

Vergoedingen

Om uit de impasse te komen zou er volgens hem, naast als gemeente soepeler omgaan met lokale initiatieven, gedacht kunnen worden aan vrijwilligersvergoedingen. Warbroek is benieuwd wat er gaat gebeuren als de Regionale Energiestrategie verder vorm wordt gegeven.

,,Een voorwaarde voor die projecten is dat 50 procent van de opbrengst in handen komt van de lokale omgeving. Dat kan werken als een stok achter de deur om coöperaties meer te betrekken.”

Champions League

Als bij de volgende fase van de energietransitie aardgasvrij wonen serieus wordt aangepakt neemt de behoefte aan steun voor de coöperaties volgens hem alleen maar toe. ,,In vergelijking met groene stroom is fossielvrije warmte de Champions League. Dat vraagt een nog hoger niveau van kennis en expertise. Ik hoop dat gemeenten hebben geleerd van de stroperigheid van de afgelopen tien jaar en initiatieven van onderop beter ondersteunen.”