Dit artikel is vandaag gratis

Met roken en rauwe melk kun je best honderd worden, weet Loek Overeem uit Hoornsterzwaag

Loek Overeem wordt zaterdag 100 jaar. Foto: Rens Hooyenga

Zolang hij zijn sigaartje mag roken en een beetje kan grollen, vermaakt Loek Overeem uit Hoornsterzwaag zich nog aardig. Zaterdag wordt hij honderd jaar.

,,Kijk hier” – Overeem steekt een doosje sigaren de lucht in. ,,‘Roken is dodelijk’! Nou, voor mij niet hoor”, glundert hij op de bank. ,,Daar klopt niks van. Ik kom uit een gezin van twaalf broers en zussen en ik ben de enige die nog over is.” Op z’n tijd een sigaartje en een borrel, daar is hij juist oud mee geworden.

Met zijn vrouw Cor (92; 67 jaar getrouwd) woont hij al zo’n 27 jaar aan de Schoterlandseweg in het lommerrijke Hoornsterzwaag, met een flink stuk bos als achtertuin. ,,Ik mocht graag hout hakken en kloven, in de tuin bezig zijn. Daar was ik bijna elke dag wel.” Maar dat gaat nu niet meer. ,,Ik mag niet zo veel meer doen. Dus, de bank is vaak bezet. Nee, veel doe ik niet, ik slaap veel.”

Slapen in de schoolbanken

Geboren in een boerengezin in Eemnes, bij Bunschoten-Spakenburg, zat hij met een jaar of acht al ’s ochtends in alle vroegte onder de koeien te melken. ,,En dan viel ik op school in slaap, moe van het vroege melken. Allemaal met het handje, hè, dat melken.” Eerst op de boerderij van z’n vader, later als knecht bij een andere boer. Hooien, sloten schoonmaken – het ging met het paard of met handwerk.

,,En dan zeggen de boeren nu dat ze het zo zwaar hebben! Toch vond ik het wel mooi werk, en je wist niet beter. Ik verdiende als knecht 250 gulden in een jaar. Dat werd eind van het jaar uitbetaald, maar ik moest alles aan m’n vader geven. Ik geloof dat ik er nog geen stuiver aan overhield.”

Rauwe melk

Als hobbyboer met een stuk of vijf, zes koetjes hield Overeem gevoel bij het boerenleven. Daaraan heeft hij ook de gewoonte overgehouden om rauwe melk te drinken. ,,Zo van de koe. Is ook weer niet gezond, zeggen ze, maar ik ben dol op rauwe koemelk, nog steeds.” Tot voor kort haalde hij het zelf af bij een lokale boer, nu wordt het hem gebracht.

Overeem kreeg een baan bij de posterijen. ,,Rijksambtenaar!”, lacht hij. ,,of postbode, als je wilt.” Een kennis had een sollicitatiebrief voor hem geschreven, want Loek - ,,ik geloof niet dat ik de lagere school heb afgemaakt” – was daar zelf niet zo goed in. ,,Werd ik aangenomen! Dat viel eerst wel tegen hoor, om dat sorteerwerk te leren. Later kreeg ik een eigen wijk om post te bezorgen.”

Kerstpakketten

Ook toen al was december een maand van veel pakketbezorging. ,,Dat deden we met de bakfiets, maar ik dacht: ik heb een pony met wagen, ik laad mooi die wagen vol pakjes. Nou, daar ging het spul, met pony en wagen kerstpakketjes bezorgen”, lacht Loek. Een fotograaf van de lokale krant had het tafereel willen vastleggen, maar kon Loek met zijn pony nergens vinden. ,,Ja, ik had beroemd kunnen worden. Maar nu word ik honderd – kom ik toch nog in de krant.”

In 1954 was hij getrouwd met Cornelia. Ze woonden in Baarn, maar toen het huis aan groot onderhoud toe was en vlakbij de rijksweg verbreed zou worden, besloten ze er weg te gaan. Een oude kennis die intussen in Oldeberkoop woonde, wist hen te interesseren voor deze omgeving. ,,Het is een mooi stekkie, toch?” vindt Loek.

Hij en zijn vrouw willen er beslist niet weg uit hun eigen huis in Hoornsterzwaag, ook al is er steeds meer zorg nodig. De thuiszorg komt vaak langs, maar ook buurman Ton, elke dag. ,,Het eten opdienen, broodje smeren. En dan kijken we samen naar de sport op tv. Als buren moet je een beetje op elkaar passen.”

Nieuws

menu