Mindert Hepkema: krantenkoning met een hart voor sport

Hij was tussen de twee wereldoorlogen een invloedrijke Leeuwarder, maar werd in 1945 beschuldigd van collaboratie. Mindert Hepkema (1881-1947) leidde het krantenconcern van zijn familie en stond aan de wieg van de Elfstedentocht. Auteur Mark Hilberts reconstrueerde zijn leven.

Mindert Hepkema, voorzitter van de Elfstedenvereniging, feliciteert op 2 februari 1941 Auke Adema. Die laatste heeft de schaatselfstedentocht gewonnen.  Foto: ANP

Mindert Hepkema, voorzitter van de Elfstedenvereniging, feliciteert op 2 februari 1941 Auke Adema. Die laatste heeft de schaatselfstedentocht gewonnen. Foto: ANP Foto: ANP

Hij peinsde er niet over. ‘Zijn’ Nieuwsblad van Friesland zou blijven verschijnen. Ook onder Duitse bezetting. Het krantenbedrijf dat zijn vader Jacob startte en broer Tjebbo uitbouwde, ging Mindert Hepkema nauw aan het hart en dus wilde hij het koste wat kost in stand houden. ‘De Hepkema’ moest en zou op de deurmat blijven vallen. Maar zijn pragmatische houding zou na de bevrijding grote gevolgen hebben.

Dat blijkt uit het vorige week uitgebrachte boek De Koning van Leeuwarden van Mark Hilberts. Daarin beschrijft de auteur, op basis van literatuuronderzoek en het familiearchief van de Hepkema’s, het leven van een van de meest vooraanstaande Leeuwarders in het interbellum.

Mindert Hepkema

Mindert Hepkema speelde een grote rol in de totstandkoming van de Elfstedenvereniging, stond als advocaat vele verdachten bij in de rechtbank en gaf later als directeur leiding aan het krantenconcern van zijn familie.

De familie Hepkema behoorde begin twintigste eeuw tot de nieuwe rijken van Fryslân. Het in 1876 opgerichte Heerenveense krantenbedrijf legde de Hepkema’s namelijk geen windeieren: met het populaire Nieuwsblad van Friesland en later ook het Leeuwarder Nieuwsblad had de familie veel succes. Beide kranten, die voor een lage prijs werden verkocht en qua taalgebruik ook voor het volk leesbaar waren, boden tegenwicht aan de deftige Leeuwarder Courant .

Door het succes van het krantenbedrijf groeide Mindert op in luxe. Hij studeerde rechten in Leiden, genoot er van het studentenleven en begon in 1905 zijn eigen advocatenpraktijk in Leeuwarden. Hepkema woonde op stand aan de Willemskade en had een hart voor sport: hij voetbalde meer dan driehonderd wedstrijden in het eerste elftal van LAC Frisia 1883. Zodra er ijs op de Friese sloten lag, bond Mindert zijn schaatsen onder en maakte hij lange tochten over de bevroren watervlaktes.

In actie komen

Eind december 1908 verbleef Hepkema in Hamburg en vernam hij dat de Friesche IJsbond van plan was om een Elfstedentocht te organiseren. Voor het eerst zou deze als officiële wedstrijd worden verreden. Maar bij terugkomst in Leeuwarden bleek dat de termijn voor deelname al was verstreken. Tot zijn verdriet mocht hij niet meedoen. Ondanks het grote succes van de tocht liet de Friesche IJsbond na afloop weten het bij deze ene keer te willen laten.

Het nieuws was voor Hepkema reden om in actie te komen. Met een paar medestanders besloot hij tot de oprichting van de Elfstedenvereniging, die slechts één doel had: het jaarlijks (kunnen) organiseren van de Elfstedentocht. Hepkema werd voorzitter en vervulde die functie tot het einde van zijn leven. Naast zijn drukke baan als advocaat was hij onder meer actief voor de ANWB, De Spaarkas en de Leeuwarder woningbouwvereniging. Hepkema beschikte daardoor over een groot netwerk.

Na het plotselinge overlijden van broer Tjebbo in 1929 moest Mindert noodgedwongen ook nog leidinggeven aan het krantenbedrijf van zijn familie. Tegen wil en dank, zo valt te lezen in het boek van Hilberts. Als kersvers directeur was hij niet gelukkig met de erfenis van zijn broer. Hepkema voelde zich meer advocaat dan krantenman. Hij bemoeide zich daarom niet of nauwelijks met de redactionele koers van beide kranten en hield zich vooral bezig met de organisatorische kant van het bedrijf.

Verweer

Dat twee van zijn redacteuren, Willem Hielkema en Sytse Jan van der Molen, sympathiseerden met het nationaalsocialisme en die ideologie vanaf het begin van de Tweede Wereldoorlog regelmatig verheerlijkten, zette Hepkema niet aan tot actie. Volgens Hilberts was Hepkema naïef en besefte hij onvoldoende dat hij als uitgever eindverantwoordelijk was voor wat er in zijn kranten werd gepubliceerd. Ook al zag Hepkema zelf helemaal niets in het fascistische gedachtegoed van de nazi’s.

Friese pers in oorlogstijd: Een strijd tussen plichten, principes en overtuiging. https://t.co/tTQ8OC8K0z

— Friesch Dagblad (@frieschdagblad) April 15, 2020

Mindert koos voor een pragmatische houding tijdens de Tweede Wereldoorlog. Om zijn bedrijf te redden en zijn werknemers te behoeden voor dwangarbeid in Duitsland, koos hij voor de houding van de meeste Nederlanders: die van aanpassing aan de nieuwe situatie. Dus verschenen op last van de bezetter pro-Duitse artikelen in zijn kranten. Maar toen dat niet langer voldoende was voor het regime en de toekomst van het familiebedrijf werd bedreigd kwam Hepkema in het verweer.

De Duitsers wilden toe naar slechts één krant in Fryslân en stelden een fusie voor tussen het Nieuwsblad van Friesland , het Leeuwarder Nieuwsblad en concurrent de Leeuwarder Courant . Hoewel niemand een samenvoeging zag zitten, kwam deze er toch in september 1942: als de Friesche Courant verscheen het pro-Duitse fusieblad in vele huishoudens door de provincie. Het enige succes dat Hepkema boekte was dat het Nieuwsblad van Friesland zelfstandig mocht blijven verschijnen.

Giftige inkt

Tot verrassing van Hepkema bleek dat na de bevrijding de pijlen van het Friese verzet op hem gericht werden. Zijn pragmatisme werd gelaakt en er werd gesproken over ‘de giftige inkt van Hepkema’s persen’. Samen met de Leeuwarder Courant mochten beide Hepkema-kranten na de oorlog niet verschijnen. Er werd bovendien een onderzoek ingesteld naar de mogelijke collaboratie van de directeur. De commissie voor Perszuivering eiste uiteindelijk een beroepsverbod van achttien jaar voor hem.

Daar kwam het uiteindelijk niet van. Want nog voordat er een definitieve uitspraak kon worden gedaan, stierf Mindert Hepkema op 65-jarige leeftijd. Volgens Hilberts was van de krachtige figuur die hij was vóór de oorlog, geen sprake meer. Het heilige vuur brandde nog wel, maar door ernstige gezondheidsklachten was het voor hem niet langer mogelijk om een ijzeren vuist te maken. Zes jaar na zijn overlijden gebeurde datgene waar hij zo voor had gevreesd: het familiebedrijf ging na decennia van succes ten onder. In 1954 stopten de persen van Hepkema voor altijd met draaien.

De Koning van Leeuwarden: Mindert Hepkema (1881-1947), verdediger en verdachte. Mark Hilberts. Uitgegeven in eigen beheer. 319 pagina’s, 29 euro

U kunt ons helpen de journalistieke onafhankelijkheid in Fryslân te waarborgen. Klik hier om een bijdrage te leveren.

Op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen over het coronavirus? Meld u aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief

Nieuws

menu