Ook de namen van de vrouwen die de Elfstedentocht wonnen, zijn nu vereeuwigd op de sokkel van De Elfstedenrijder in Leeuwarden

Eind jaren negentig beitelde Harry Hutting de naam van de laatste mannelijke Elfstedenwinnaars op de sokkel van De Iisfretter, voor het WTC-gebouw in Leeuwarden. Hij stelde toen dat op het kunstwerk ook de vrouwelijke winnaars genoemd moesten worden. Meer dan twintig jaar later is het zover.

Harry Hutting uit Grou 'hakt' de namen van de vrouwelijke winnaars in het kunstwerk De Iisfretter.

Harry Hutting uit Grou 'hakt' de namen van de vrouwelijke winnaars in het kunstwerk De Iisfretter.

De Iisfretter , in de volksmond beter bekend als De Elfstedenrijder, een beeld van kunstenaar Auke Hettema die onder meer ook Us Mem heeft gemaakt, staat inmiddels een paar honderd meter verderop, bij de ingang van de Elfstedenhal. Het is een stoer, zwart beeld van een schaatser, op een groot basaltblok.

Aan de noordzijde van de sokkel staan de namen van de mannelijke winnaars ingebeiteld. Sinds vorige week staan op de zuidzijde ook de vrouwelijke winnaars. Nog niet alle dertien, maar dat is een kwestie van dagen, zegt de 68-jarige Harry Hutting uit Grou die dit klusje vrijwillig doet.

Een naam per dag

Vijf letters doet hij in een uur, vertelt de oud-eigenaar van steenhouwerij Hutting uit Leeuwarden. ,,Ik doch ien namme per dei. Nei tolve oere hâld ik op. Dan haw ik myn nocht”, legt de gepensioneerde uit. Eerst tekent hij precies uit waar de datum en de naam moeten staan. Dat moet natuurlijk kaarsrecht. Vervolgens pakt hij zijn hamer en beitel en begint hij met zijn eeuwenoude ambacht. ,,De Romeinen diene dit foarhinne ek al sa. Presys op deselde wize. Dizze letters steane der oer trijehûndert jier noch”, bezweert Hutting.

Hutting moet een lastige houding aannemen op de namen aan te brengen op het monument. ,,Ik moat myn lichem stiif hâlde en yn balâns bliuwe, oars komme de letters der skeef op te stean.” Het materiaal waarin hij de namen moet hakken is basaltlava, afkomstig uit het Duitse Eifelgebergte. Het heeft een harde slijtvaste laag, maar ook veel ‘gemene nerven’, zoals Hutting ze noemt. Door zulke nerven in de steen kan er zomaar een stukje letter afbrokkelen.

Moeder Wopkje Kooistra won tweemaal

In het gedeelte waarin de winnaressen van de Tocht der Tochten worden vereeuwigd zitten gelukkig geen grote nerven. Hutting heeft zojuist de naam van zijn moeder ‘gehakt’: 6-2-1941 W. Kooistra . Als zestienjarige kwam Wopkje Kooistra als eerste schaatster over de streep. Op de Wall of Fame die op de wand van de Elfstedenhal is aangebracht, staat haar naam ook, alleen verkeerd, zegt Hutting. Er staat Wobkje, terwijl het Wopkje moet zijn.

Op De Iisfretter wordt alleen de voorletter vermeld, zodat Hutting deze spelfout hier niet kan herstellen. ,,Us mem, dy’t grutbrocht is troch har beppe op Jornahûs, in hiele moaie pleats tusken Warten en Wergea, ried de tocht yn in rok. Se mocht as fanke net yn in broek ride”, vertelt Hutting. ,,En wat doe ek bysûnder wie: de Tocht gie doe om de Noard. Dus earst nei Dokkum.”

Op 8 februari 1947 was Wopkje opnieuw de eerste schaatsster die over de finish in Leeuwarden kwam, nu tegelijk met haar vriendin en plaatsgenoot Sjoerdje Faber. Op de Wall of Fame staan beide dames ook genoemd als winnaressen, terwijl bij de mannen de winst niet werd erkend toen vijf schaatsers tegelijkertijd over de finish kwamen. Op De Iisfretter staat een liggend streepje na de datum van de tocht van 14 februari 1956.

‘Dit is foar my in earebaantsje’

Hutting is best trots dat hij de naam van zijn moeder tweemaal in het kunstwerk mag hakken. ,,Ik haw Wiebe Wieling belle en frege oft ik de nammen fan de froulju der wol opsette mocht. Ik hoech der gjin jild foar. Dit is foar my in earebaantsje.”

Hij vindt wel dat het lang heeft geduurd voordat de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden besloot om de vrouwelijke winnaars van de Tocht vast te leggen op het kunstwerk van De Elfstedenrijder. Eind vorige eeuw deed hij al het voorstel, toen hij de namen van de laatste mannelijke winnaars erop zette.

Hutting komt uit een erg schaatsminnende familie. Zo zijn Jeen van den Berg, die in 1954 de Tocht won, en Jeen Nauta, een van de vijf leden van ‘Het pact van Vrouwbuurtsermolen’ in 1956, neven van hem. Verder was er een familielid, Benedictus Kingma, die eind negentiende eeuw al meedeed aan een WK afstanden. En olympisch kampioen Jorrit Bergsma uit Aldeboarn is een achterneef van hem. ,,It reedriden sit by ús yn de genen.”

Zelf schaatste Hutting eenmaal de Elfstedentocht, in 1986. Met twee bevroren tenen kwam hij over de finish op de Bonkefeart. ,,Ik haw trije broers dy’t him ek útrieden ha. As ik it net helje soe, hie ik dat myn hiele libben hearre moatten. Och wat wie ik kapot, want ja, safolle hie ik ek net treend.”