Randolph Algera en Gabriëlle Westra bij één van de wandschilderingen die zij maken voor grandcafé In de Brouwerij.

Negentiende eeuw komt weer tot leven in Leeuwarder herenhuis

Randolph Algera en Gabriëlle Westra bij één van de wandschilderingen die zij maken voor grandcafé In de Brouwerij. Foto: Simon Bleeker

In een oud herenhuis in de binnenstad van Leeuwarden wordt de negentiende eeuw weer tot leven gewekt. Willem Adema ontdekte in zijn nieuwe horecapand drie rijkgedecoreerde plafondschilderingen die 150 jaar geleden zijn gemaakt. ,,We geven een stukje geschiedenis terug aan de stad.”

Wie op het Zaailand in Leeuwarden is, loopt waarschijnlijk achteloos voorbij aan nummer 94. Of bestelt een drankje op het onlangs geopende terras van grand café In de Brouwerij zonder te weten welke bijzondere geschiedenis er achter het pand uit 1870 schuilgaat. Wie binnen rond mag kijken, wordt zich echter al snel bewust van het unieke historische karakter van het gemeentelijke monument.

Ontdekking

Horecaondernemer Adema kocht het verwaarloosde herenhuis anderhalf jaar geleden puur als belegging. Ook hij was zich niet bewust van de historische achtergrond. De verrassing was groot toen tijdens het verwijderen van de verlaagde gipsplafonds een decoratief geschilderd plafond zichtbaar werd. Het gedetailleerd plantmotief bevindt zich aan de voorkant van het pand, op de eerste verdieping.

Ook in de kamer daarachter, en in de zogeheten tuinkamer aan de linkerkant van het pand, werden negentiende-eeuwse plafondschilderingen ontdekt. ,,Het was een totale verrassing. Het was zo mooi dat we dachten; dit moeten we behouden en opknappen. Via via hoorde ik dat er maar één iemand is die dat kan doen, en dat is Randolph.”

Het belletje naar restaurateur en schilder Randolph Algera volgde in april vorig jaar. ,,Deze restauratie is heel bijzonder”, zegt hij. Algera zit al veertig jaar in het vak en heeft veel restauratieklussen in zowel binnen- als buitenland gedaan. ,,Dat je iets wat kapot is weer op zo’n manier kunt herstellen dat het behouden blijft, is het mooie aan dit vak. In dit pand zit zoveel geschiedenis. En gaandeweg ontdek je steeds meer. Het herleiden van schilderingen waar je slechts de snippers van hebt gevonden, is een soort puzzel die je met kleine lijnen heel fijntjes weer in elkaar zet”, zegt Algera. ,,Vervolgens ontstaat er een beeld dat je van tevoren nooit had kunnen bedenken. Kunst, ambacht, restauratie; het kwam voor mij allemaal samen in dit pand. Een klus kan eigenlijk niet mooier.”

De plafonds zijn volgens de restaurateur uniek. ,,Ik heb al heel wat meegemaakt, maar dit is wat betreft plafonds wel echt de top. Het is zo mooi gemaakt, als je kijkt naar de details en kwaliteit van het werk.”

Oud koetshuis

Uit onderzoek in verschillende archieven blijkt dat vermoedelijk de Procureur-generaal van het Leeuwarder Gerechtshof de eerste bewoner was in 1870. Op de begane grond, waar mensen straks kunnen genieten van een hapje en een drankje, was het koetshuis gevestigd. ,,De originele steentjes zitten er nog”, wijst Adema naar boven. De eigenaar staat vlakbij de ingang van zijn nieuwe horecaconcept, dat zowel een grand café als een bierbrouwerij en een hotel is.

,,Hettinga Tromp was een rijk man en een van zijn hobby’s was kunst. Hier heeft dus van alles aan de muur gehangen. Johannes Klinkenberg, Jozef Israëls en Hendrik Mesdag bijvoorbeeld. We weten uit onderzoek dat een deel daarvan later in het Rijksmuseum is beland.”

De schilder die aan het werk geweest is in het pand zelf en destijds ook het nu als eerste ontdekte plafond heeft geschilderd, is rijtuigschilder J. Munsterman. ,,Meestal kom je er niet achter wie plafonds geschilderd heeft, omdat het decoratieschilders zijn”, legt Algera uit. ,,Nu wel, via het koetshuis is Hettinga Tromp bij deze rijtuigschilder uitgekomen.”

,,Bijzonder, hoeveel liefde hierin zit. Hij heeft hier met veel plezier gelegen (het werk werd liggend uitgevoerd, red). Fantastisch, al die details”, zegt hij al wijzend naar de fijne bebiezing. ,,Je ziet dat het goud aan de binnenkant wat groener is en aan de buitenkant wat roder en dat elk plantje sprietjes heeft. Echt ongelofelijk, hoeveel werk hierin heeft gezeten. We hebben ook originele stukjes behang gevonden. Daar is hetzelfde patroon in zichtbaar.” Algera is verantwoordelijk voor het hele interieur op de bovenverdieping en heeft onder andere ook de haard en de kozijnen in oude glorie hersteld.

Wandschilderingen

Ook is hij samen met zijn collega en partner Gabriëlle Westra bezig met vier wandschilderingen, van twaalf bij drie meter, die de plafonds op de eerste verdieping moeten complementeren. Een deel daarvan is geïnspireerd op werk van Mesdag. Dat is te zien aan de zee, de schepen en de luchten. Een ander is gebaseerd op de stad Leeuwarden, waarbij Algera zich weer heeft laten inspireren door de stadsgezichten van Klinkhamer. Beide kunstenaars hingen in de begintijd van het pand aan de wand.

,,Hoe langer je kijkt, hoe meer je erin zult zien,” vertelt Algera in zijn galerie en atelier Autrevue in Heerenveen over dat doek met stadsgezicht. ,,Het is geschiedenis en traditioneel schilderwerk, maar je ziet ook de industriële, bijna sciencefiction-achtige kant van een stad erin terug.” Samen met Gabriëlle Westra heeft hij een goede werkverdeling. Hij richt zich op het landschap en het stadsgezicht, zij - vanwege haar specialisatie in portret- en modelschilderen - op de mensen. ,,Maar we zitten elkaar tijdens het schilderen ook wel eens in de weg hoor, zelfs op zo’n groot doek.”

Fijn penseeltje

Terug naar het Zaailand. Toen Adema op een dag de vorderingen kwam bekijken in de plafondschildering aan de voorkant van het pand, viel hem iets op. ,,Randolph, je hebt een foutje gemaakt”, stelde hij. De bedoelde ‘aansluitfout’, die zichtbaar is in het patroon, werd echter gemaakt door de originele schilder. ,,Fouten maken deden ze vroeger natuurlijk ook”, zegt Algera. ,,Tegenwoordig gebruik je sjablonen uit de computer, en dan krijg je het helemaal perfect. Maar dat was toen niet zo en dat moet je daarom ook nu helemaal niet willen. Ik heb daarom met een heel fijn penseeltje alle zichtbare bogen in het patroon handmatig bijgewerkt.”

Ongeveer zeven weken is Algera bezig geweest met dit plafond. De moeilijkste en duurste klus was echter het plafond in de tuinkamer. Het is zijn favoriet. Hierop zijn rozenstruiken en een blauwe lucht te zien. ,,Dat plafond hing echt aan de vellen bij elkaar”, vertelt hij. ,,Ik had twijfels of we het konden behouden, maar ik wilde het toch op z’n minst proberen.”

Dat lukte uiteindelijk door alle losse snippers met behulp van Japans papier, dat extra stevig is, handmatig weer vast te lijmen. ,,Dan vullen we de snippers met verf aan en maken het vervolgens schoon.”

Voor gek verklaard

Inmiddels is de laatste fase van het restauratieproces aangebroken. ,,Nog wat puntjes op de i, maar het meeste is klaar.” Voor Adema was de hele renovatie van het pand niet altijd even makkelijk. Ook is de combinatie van historisch erfgoed en een veilige en geschikte horecaruimte soms best ingewikkeld. ,,Wat betreft de brandveiligheid en riolering in dit pand heb ik wel creatief moeten nadenken. Daar heb ik ook best wel wat slapeloze nachten van gehad. Ik ben in het begin meerdere keren voor gek verklaard dat ik dit ging doen.”

Het tij lijkt echter te keren, met de versoepelingen van de coronamaatregelen stonden er al rijen voor het terras en is het hotel voor de eerste keer volgeboekt. ,,Blijkbaar werkt het wat we hebben bedacht. En daar word ik wel heel blij van. Mensen zijn heel enthousiast, je geeft natuurlijk ook een stukje geschiedenis terug aan de stad.”

Algera heeft veel respect voor hoe eigenaar Adema het heeft aangepakt. ,,Hij had ook kunnen zeggen: laat maar mooi zitten die rommel, plafond erover en door. Hij kiest ervoor om de historie van het pand te behouden en zichtbaar te maken.”