Ondergedoken, Joods en toch actief in het Friese verzet

Ook Joden zaten tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet. In het boek Gezichten van Joods verzet wil de Nederlandse Kring voor Joodse Genealogie laten zien wie zij waren.

Herman Natkiel (links op de foto) houdt burgemeester Auke Ykema en twee Nederlandse SS-ers onder schot.

Herman Natkiel (links op de foto) houdt burgemeester Auke Ykema en twee Nederlandse SS-ers onder schot. Foto’s: Siny Natkiel

,,Waar haalde je de moed vandaan? Dat heb ik vaak gedacht toen ik het verhaal van mijn vader opschreef. Mijn vader was een ijzervreter, een vechter. Ook vóór de oorlog. Maar zeker tijdens en daarna.” Toen Siny Thuis-Natkiel uit Amstelveen een verzoek kreeg om een van de veertig portretten in het boek Gezichten van Joods verzet te schrijven, was ze best huiverig. ,,Je mag weten: ik heb zeker drie maanden gedaan over het schrijven van het verhaal.”

Siny Thuis wist dat haar vader en moeder vanaf 1943 beiden ondergedoken zaten in Fryslân. Herman Natkiel zat in het Bildt, bij de familie Postma aan de Oudebildtdijk. Vader Klaas Postma was smid. Hij was actief bij het Nationaal Steun Fonds en patrouillecommandant bij de Binnenlandse Strijdkrachten. Zijn vrouw heette Beth (roepnaam Berber) en ze hadden drie kinderen.

Siny Thuis’ moeder Alida Doof, die de naam Gré Ligterink kreeg, werd opgevangen op de boerderij van Renze en Froukje Beimers in Sint Annaparochie. Een gezin met tien kinderen. Beiden werden warm opgevangen. ,,Veel Friezen zijn goed geweest in die tijd voor Joodse onderduikers”, zegt Thuis. Als kind kwam ze vaak in Fryslân. ,,In de zomer ging ik drie weken naar de familie Beimers in Sint Anne. Dat waren gouden weken. En aan het einde van de vakantie sprak ik een paar woordjes Fries. We hebben altijd contact met elkaar gehouden.”

Dokkum

Thuis wist dat haar vader tijdens zijn onderduikperiode in Fryslân actief was geweest in het verzet. Dat gebeurde onder de naam Arie Dijkstra. ,,Een dag na de bevrijding van Dokkum hield mijn vader de foute burgemeester van Oostdongeradeel (Auke Ykema, MV) onder schot. We vonden die foto eerst een beetje zielig, maar als je bedenkt onder welke spanning er toen geleefd werd, krijg je er ook begrip voor.”

In haar zoektocht om de puzzelstukken uit het leven van haar vader bij elkaar te zoeken, stuitte Thuis op een brief van majoor Tjebbe Walburg, commandant van het verzet in de gemeente het Bildt. ,,Hij somde in de brief op wat mijn vader gedaan had: het verspreiden van het illegale blad Trouw , hij hielp mee met overvallen op distributiekantoren, vervoerde gedropte wapens naar de vlasfabriek in Berlikum, en nog veel meer.” In 1981 ontving Natkiel uit handen van koningin Beatrix het Verzetsherdenkingskruis.

Daar stond hij dan, achter een boom te kijken naar hoe ik aan de hand van Hans door het bos liep

,,Mijn vader vertrok toen ik een jaar oud was met een vriend richting Engeland. Hij wilde iets doen. Het liep echter anders. In Frankrijk werden ze opgepakt door de Duitsers en belandden in een Duitse gevangenis. ,,Daar zat hij maanden vast en maakte hij vreselijke dingen mee. Uiteindelijk werd hij op de trein gezet naar Utrecht, waar hij zich moest melden. Dat deed hij echter niet. Mijn moeder stond voor de onmogelijke keuze om mij in veiligheid te brengen, door me naar Kindjeshaven te brengen. Dat was eigenlijk geen Joods kindertehuis, maar ze zaten er stiekem wel.”

Na een korte tijd in het kindertehuis belandde Siny Thuis in het gezin van Hans Maijer en zijn vrouw Nel. Maijer was de dokter van alle Joodse kinderen in Kindjeshaven. ,,Ik ben daar uiteindelijk drie en een half jaar geweest.”

Het moet op een zaterdag in 1943 zijn geweest, dat Herman Natkiel na drie dagen en nachten reizen vanuit Fryslân naar het midden van het land kwam om een glimp van zijn kleine meisje op te vangen. Het raakt Thuis iedere keer al ze eraan denkt. ,,Daar stond hij dan, achter een boom te kijken naar hoe ik aan de hand van Hans door het bos liep.” Haar vader kreeg een klein boekje mee met een paar foto’s van de toen twee jaar oude Siny. ,,Hartverscheurend.”

Onthecht

Wonderwel overleefden vader, moeder en de kleine Siny de oorlog. Na de bevrijding kwamen haar ouders haar ophalen om een nieuwe start te maken. ,,Maar dat was natuurlijk niet gemakkelijk”, vertelt Thuis. ,,Ik had me gehecht aan mijn pleegouders. Zij hadden me verteld dat ik ging logeren bij een lieve oom en tante.” Haar ouders waren door de oorlog hun hele familie kwijtgeraakt. ,,Maar daar werd in die eerste jaren niet over gesproken. We moesten vooruit kijken.” Herman en Alida kregen nog drie dochters: Froukje, Berber en Lydia. De twee eerste dochters werden vernoemd naar Froukje Beimers en Berber Postma, uit het Bildt.


Herman Natkiel bij de opening van het Joodse verzetsmonument in Amsteram in 1988.

Later zette Herman Natkiel zich actief in voor de Joodse gemeenschap. Hij initieerde de Commissie Jeugdvoorlichting en maakte voorlichtingsmateriaal voor in het onderwijs. Hij kwam zelf ook bij veel scholen om voorlichting te geven over de oorlog. In 1985 werd hij hiervoor geridderd. Eind jaren tachtig zette hij zich in voor een Joods verzetsmonument in Amsterdam. ,,Mijn vader vond het vreselijk als mensen vonden dat Joden zich als lammeren naar de slachtbank hadden laten leiden. Dat ze niet in verzet kwamen. Dat maakte hem kwaad”, vertelt Thuis. In 1988 werd zijn harde werken beloond en kwam het monument er toch. Het staat er nog altijd, op de hoek aan de Amstel, tegenover de Stopera.

,,Dat monument maakte mijn vader trots, maar dat zijn verhaal nu weer is vastgelegd, zou mijn vader ook goed hebben gedaan”, zegt Thuis. ,,Dat weet ik zeker.”

Nieuws

menu