Ooggetuigenverslag vanuit Kamp Amersfoort

75 jaar na het verschijnen van het boek Efter it tried van verzetsman Reimer van Tuinen is het boek opnieuw uitgegeven. Elske Schotanus plaatst zijn verhaal in de heruitgave in een breder perspectief.

De nieuwe uitgave van Efter it tried

De nieuwe uitgave van Efter it tried Foto: FD

Veel verzetsverhalen kwamen tientallen jaren na de bevrijding op papier. Verrzetsman Reimer van Tuinen schreef echter direct na de oorlog zijn ervaringen op. Misschien is het daardoor dat zijn boek Efter it Tried – Kampsketsen út Amersfoort uit 1946 leest als een objectief ooggetuigenverslag van het leven in Kamp Amersfoort. Zonder opsmuk.

,,Wy witte de swart-wite foto’s fan dy tiid”, zegt Elske Schotanus. ,,Van Tuinen jout mei syn ferhalen kleur oan hoe’t it deistich libben yn it kamp wie. Mar noait út it perspektyf fan in held. Dêr wie hy, tink ik, te beskieden foar. Syn ûnderfinings wiene noch farsk, dat makket dat der neat romantisearre is.”

Oog voor het dagelijkse leven

Naast zijn eigen hoveniersbedrijf in Langezwaag verrichtte Van Tuinen werk voor de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers. Hij werd op 21 februari 1944 gepakt door de Sicherheitsdienst en belandde via het Scholtenhuis in Groningen in Kamp Amersfoort. Daar had hij oog voor de dagelijkse gang van zaken. Het wachten, de zinloze arbeid, de straffen en de diepe vriendschappen die er ontstonden.

Dy fynst brocht my pikefel, want ik hie dêrmei de identiteit fan Van Tuinen syn beide kampmaten fûn

In Efter it tried wordt het kampleven opgetekend vanuit drie jonge mannen die in het kamp slechts bekend stonden als de gevangenen nummer 10039, 10038 en 13607. In het boek gaf Van Tuinen ze de fictieve namen namen Durk, Douwe en Fokke. Durk, met gevangenenummer 10039 was hij zelf, maar in zijn boek laat hij in het midden of de andere personages berusten op echte of fictieve personen.

Identiteit personages achterhaald

Toen Schotanus aan de slag ging met de heruitgave, probeerde ze achter de identiteit van de anderen te komen. ,,De kampargiven binne bewarre bleaun yn Bad Arolsen, en koartby digitalisearre.” Toen ze de naam Reimer van Tuinen invoerde, kwam ze het inschrijvingsdocument van hem tegen en de bevestiging dat hij gevangene 10039 was. Onder die naam is het boek ook geschreven: Häftling 10039.

Gevangenennummer 10038 leidde naar Hendrik Bethlehem en naar een briefje dat Reimer van Tuinen naar zijn kampvriend schreef die op dat moment in de bunker van het kamp wachtte op transport naar concentratiekamp Neuengamme. ‘Wat d’r ek bart, kop op, en geduld om te wachtsjen op de greate dei. Wij hawwe tegearre altyd tige bêst opsjitte kinnen.’

Pikefel

,,Dy fynst brocht my pikefel, want ik hie dêrmei de identiteit fan Van Tuinen syn beide kampmaten fûn”, zegt Schotanus. Betlehem overleefde zijn verblijf in Duitsland niet. Zijn vrouw hoorde in 1950 dat Hendrik omgekomen was bij Neustadt, waar tussen de zeven- en achtduizend mannen de dood vonden door een vergisbombardement op schepen van de geallieerden. Zijn zoontje zou hij nooit zien.

De verhalen achter de mensen in Efter it tried brachten Reimer van Tuinen dichterbij voor Schotanus

Gevangene nummer 13607 was Hein Sietsma, de naam die Schotanus ook tegenkwam in het boek Things We Couldn’t Say van verloofde Diet Eman. ,,En do riedst it al wa’t der ek yn har boek stiet: Reimer van Tuinen”, zegt Schotanus. ,,It wie syn reaksje op it berjocht fan ferstjerren fan syn kampfreon. Want ek Sietsma oerlibbe de oarloch net. Hy kaam om yn kamp Dachau.” De verhalen achter de mensen in Efter it tried brachten Reimer van Tuinen dichterbij voor Schotanus. ,,Soms hast as famylje.”

Zes gedichten

Na haar uitgebreide inleiding nam ze in de heruitgave het verhaal van Van Tuinen integraal over. Dat is inclusief de zes gedichten van Van Tuinen die ook in het originele boek zijn opgenomen. Wel veranderde ze de tekst naar de nieuwste Friese spelling. En haalde ze de spelfouten eruit. ,,Wurd foar wurd rûn ik troch.” Ze las ook zijn tweede oorlogsboek Forgetten Post uit 1949. ,,In boek mei in mear literêre ynslach.”

Vlak na de oorlog kon Van Tuinen zijn oorlogsherinneringen nog op papier krijgen. Later zou hij er, aldus zijn zoon, bijna niet meer over praten. ,,Sa’t dat wol faker by dizze generaasje barde”, zegt Schotanus. ,,Mar dat makket Efter it tried ek in unyk boek. In ferslach sa ticht op op ’e hûd fan de tiid skreaun en ek noch ris folslein Frysktalich. It soe moai wêze as dit mear generaasjes berikt.”

Nieuws

menu