Op zoek naar de ziel van Opsterland. Tegenover het ‘reade’ westen van Domela Nieuwenhuis staat het van oudsher christelijke oosten

Wie het kleine niet eert is het grote niet weerd. In zijn zoektocht naar de ziel van Opsterland maakt verslaggever Edward Jorna, om te beginnen, op de fiets een rondtocht langs vijftien buurtschappen.

Bij Vosseburen ligt over de Opsterlânske Kompanjonsfeart bij de verlaat de brug Pôlebrêge. Vaartuigen die de Turfroute volgen komen er langs. De buurtschap, die in 1861 al als Vossebuurt werd vermeld, zou vernoemd zijn naar ene Anna de Vos uit de 17e eeuw.

Bij Vosseburen ligt over de Opsterlânske Kompanjonsfeart bij de verlaat de brug Pôlebrêge. Vaartuigen die de Turfroute volgen komen er langs. De buurtschap, die in 1861 al als Vossebuurt werd vermeld, zou vernoemd zijn naar ene Anna de Vos uit de 17e eeuw. Foto: Edward Jorna

Ik ben een Fries yn ieren en sinen . Hoe dat voelt en hoe ik dat toon? Er gaat een siddering door mijn lichaam iedere keer als ik Fryslân binnenrijd, ook al ben ik dezelfde ochtend nog uit mijn eigen bedje gestapt. Ik irriteer me aan de collega die schrijft over het ‘plaatselijke café in Wirdum’, terwijl Duhoux een begrip is. Ik ‘vermoord’ de stagiair die in zijn sollicitatiebrief schrijft dat hij in ‘Tietjerk, een plaatsje onder de rook van Leeuwarden’ woont (maar geef hem wel een kans). En ik geef elke nieuwe collega ongevraagd advies om allereerst eens op de fiets een dag door de zijn of haar toegewezen gemeente te trekken. Pas dan, zeg ik, ruik en voel je de mensen. En daar ook, zo oreer ik verder, liggen de verhalen.

Nieuws

menu