Provinciale Staten in Fryslân willen meer inzicht in het effect van ecoprojecten

Wat heeft de 21 miljoen euro voor verduurzaming in de Friese landbouw nu eigenlijk opgeleverd en hoe realistisch zijn de provinciale doelen voor de transitie in de landbouw? De Staten zijn verdeeld.

Veel transitiesubsidie gaat naar bedrijven die de gangbare landbouw in stand houden, zo klinkt kritiek in de Staten.

Veel transitiesubsidie gaat naar bedrijven die de gangbare landbouw in stand houden, zo klinkt kritiek in de Staten. Foto: ANP

Er moeten veel duidelijker doelen komen voor de transitie naar een duurzamere landbouw in Fryslân en er moet veel beter worden bijgehouden of gesubsidieerde projecten inderdaad tot verduurzaming hebben geleid. Dat vindt een grote meerderheid in Provinciale Staten.

De Staten reageren daarmee op een rapport van de Noordelijke Rekenkamer (NRK) over de besteding van 21 miljoen euro aan duurzaamheidsprojecten in de Friese landbouw tussen 2012 en 2018. De rekenkamer kraakt harde noten over de werkwijze van de provincie. Het is vaak onduidelijk wat een project blijvend bijdraagt aan de ecologische verduurzaming van de landbouw, stelt de NRK.

Ontluisterend

,,Wy binne bot skrokken fan dit rapport”, zei Romke de Jong (D66). ,,Ontluisterend”, vond Menno Brouwer van de Partij voor de Dieren. Hij stoorde zich onder meer aan de subsidies voor Dairy Campus, Dairy Valley en The Potato Valley. ,,Dat geld komt terecht bij projecten die de gangbare landbouw in stand houden. Wat draagt zoiets bij aan verduurzaming?” Volgens Jochem Knol is ook van het geld dat aan agrarisch natuurbeheer is besteed vaak niet helder wat dat voor weidevogels en biodiversiteit heeft betekend.

De coalitiefracties stonden liever niet te lang stil bij het verleden. ,,Wy geane derfan út dat it kolleezje de konklúzjes meinimt yn takomstich belied”, zei Wopke Veenstra (FNP). ,,Dit is een rapport om van te leren”, vond Hetty Janssen (PvdA). ,,It giet om 21 miljoen euro. Dat binne hiel serieuze bedraggen”, wierp De Jong tegen. ,,Dat fyn ik wol wat tefolle foar learjild.”

Dat je niet kunt aantonen dat iets effectief is geweest, wil niet zeggen dat het niet effectief is geweest

Janssen ging mee in de roep om duidelijker doelen en betere monitoring op het halen daarvan, maar nuanceerde ook in hoeverre dat mogelijk is. ,,Dat je niet kunt aantonen dat iets effectief is geweest, wil niet zeggen dat het niet effectief is geweest. Er zijn een heleboel factoren van invloed op de uitkomst van een project en het is vaak lastig te bepalen wat precies de invloed van ons beleid is geweest.”

Geld over de balk

Toch moet het beter kunnen, vonden veel fracties. Harrie Graansma (PVV) beklaagde zich dat er in 2012 geen nulmeting is gedaan van de Friese landbouw. ,,Men wist net hoe duorsum, sirkulêr, grûnbûn en natuerynklusyf de lânbou doe wie, mar likegoed wiene jim derfan oertsjûge dat der miljoenen útjûn wurde moasten om boeren ta feroaring oan te setten.” Hij sprak van een postmoderne variant van het feodale systeem, met boeren als de nieuwe horigen.

Gedeputeerde Klaas Fokkinga (FNP) onderschreef de aanbevelingen van de rekenkamer klare einddoelen te formuleren en de voortgang te monitoren. Hij neemt die mee bij het uitwerken van de nieuwe Landbouwagenda, waarvan gisteren het startdocument werd besproken. Hij bestreed wel het beeld ,,dat wy it jild mar oer de balke smiten ha. Nee, wy ha der sicht op wat der mei it jild bart.”

Hoe realistisch is dat, als het beleid uitgaat van de vrijwilligheid bij boeren om mee te doen? Houden we onszelf niet een beetje voor de gek?

Toch dreigen Gedeputeerde Staten met de Landbouwagenda volgens sommige fracties weer dezelfde fouten te maken. Daarin komt het in 2017 gestelde doel terug dat de Friese landbouw in 2025 duurzaam, natuur-inclusief, grondgebonden en circulair moet zijn. ,,Hoe realistisch is dat, als het beleid uitgaat van de vrijwilligheid bij boeren om mee te doen?”, vroeg Theun Wiersma van 50PLUS zich af. ,,Houden we onszelf niet een beetje voor de gek? We praten en praten al heel lang en als we niet oppassen ben ik bang dat het daarbij blijft.” Hij pleitte voor een wat ,,hardere en strengere” aanpak.

Verdienmodellen

CDA en VVD wezen er samen met gedeputeerde Fokkinga op dat de provincie wat dat betreft niet zo veel bevoegdheid heeft. Landbouwbeleid wordt vooral gemaakt in Brussel en Den Haag. ,,Mei subsydzjes kinne wy boeren wol ferliede om te ferduorsumjen”, aldus Fokkinga.

In de nieuwe Landbouwagenda moet de provincie ook verdienmodellen voor boeren onderzoeken die het hen mogelijk maken om minder vee te houden. GrienLinks en Partij voor de Dieren vinden verkleining van de veestapel onvermijdelijk om de druk van de landbouw op natuur en milieu te verminderen. Ze kregen voor hun motie steun van een minimale meerderheid in de Staten. Gedeputeerde Staten werken het startdocument uit in een definitieve Landbouwagenda.

Duurzamer boeren is voor iedere boer weer anders

Voor melkveehouder Harmen van der Bij in Aldeboarn is het duidelijk. Hij is overgeschakeld van een gangbare naar een biologische veehouderij en voorziet dat de landbouw in de toekomst veel meer rekening moet houden met wensen van de maatschappij om meer te doen met de natuur.

Nieuws

menu