Speuren naar een jachtkamp van tienduizend jaar oud bij Rottevalle

Van een prehistorische bijl, een verkoolde hazelnoot tot afgebroken puntjes van een vuurstenen pijl. De grond bij Rottevalle zit volgens archeoloog Jeroen Mendelts vol met waardevol materiaal.

Archeoloog Jeroen Mendelts laat een klein fragment zien van een vuurstenen pijlpunt bij de opgravingslocatie in Rottevalle.

Archeoloog Jeroen Mendelts laat een klein fragment zien van een vuurstenen pijlpunt bij de opgravingslocatie in Rottevalle. Foto: Geert Veldstra

De zandkop op de kruising van de Houtigehaechsterwei en de Foudenswei naast de Litswei (N369) wordt sinds drie weken grondig onderzocht op archeologische sporen. Zakken vol okergele aarde worden schep voor schep in een kruiwagen met kleine gaatjes geleegd waar continu een stroom water over spoelt. Het geheel doet denken aan beelden van goudzoekers uit het einde van de negentiende eeuw bij de Canadese Klondikerivier.

,,We krijgen bijna dagelijks de vraag van passanten of we hier goud aan het zoeken zijn”, zegt archeoloog Jeroen Mendelts van archeologisch onderzoeksbureau RAAP. ,,De techniek lijkt ook veel op dat van de goudzoekers van ruim honderd jaar geleden. We moeten hier wel zeven omdat het archeologisch materiaal dat hier ligt, heel klein kan zijn.”

Middensteentijd

Mendelts houdt een stukje vuursteen van een halve centimeter tussen duim en wijsvinger. ,,Het gaat om dit soort dingen. Dit fragment kan ontstaan zijn bij het slijpen van een vuurstenen pijl, maar dit moet nog nader onderzocht worden.”

We vermoeden dat hier een jachtkamp is geweest van jagers en verzamelaars. Jaren terug werden hier al vuurstenen voorwerpen gevonden

Het onderzoek is gericht op de middensteentijd, het mesolithicum. De oudste vondsten zijn ruim tienduizend jaar oud en dateren uit de periode van achtduizend tot zesduizend voor Christus. ,,We vermoeden dat hier een jachtkamp is geweest van jagers en verzamelaars. Jaren terug werden hier al vuurstenen voorwerpen gevonden door een amateur-archeoloog. Daarnaast is het niet zo verwonderlijk omdat zij vaak op de hoger gelegen, droge delen leefden in de buurt van stromend water. De zandkop ligt op een bult keileem en is ongeveer een meter hoger dan het omliggende gebied. Het is een uitloper van het Drents plateau. Er zijn ook sporen die erop wijzen dat hier vroeger vlakbij een beek heeft gestroomd.”

Nomadisch

Ook de andere archeologische vondsten uit de steentijd in deze regio, zoals bij Sumar en Burgum zijn gevonden op vergelijkbare hogere delen in het landschap. Jagers en verzamelaars leefden nomadisch en verbleven slechts tijdelijk op dezelfde plek. ,,Het is alleen wel heel moeilijk om aan te tonen dat er bijvoorbeeld een link is tussen de vondsten hier en die van Burgum en Sumar, maar het is theoretisch mogelijk dat ze daar naartoe trokken.”

Ze hebben het vuursteen waarschijnlijk bij een beek geraapt waar een deel van de dekzandlaag is weggesleten en het keileem zichtbaar werd

De vuurstenen komen vermoedelijk uit het keileem dat in de ijstijd via gletsjers uit Scandinavië in Fryslân terechtkwam. ,,Het keileem ligt ongeveer op een diepte van twee meter. Daaroverheen kwam later een laag dekzand. We denken niet dat de jagers en verzamelaars zo diep groeven. Ze hebben het vuursteen waarschijnlijk bij een beek geraapt waar een deel van de dekzandlaag is weggesleten en het keileem zichtbaar werd. Maar het kan ook zijn dat ze het van een andere plek hebben gehaald als Noord-Duitsland.”

Geen vertraging

De aanleg van een ovonde op de Litswei vormde de aanleiding voor het archeologisch onderzoek. RAAP is hier nog tot medio september bezig. Vanwege de hitte wordt er nu vooral ’s ochtends gewerkt. ,,Maar dat heeft nog niet voor vertraging gezorgd, hoor.”

Lees ook: Romeinen ronselden veel ‘Friese’ soldaten en De resten van jonker Van Dekema maken de geschiedenis tastbaar

Het materiaal uit de grond wordt overgebracht naar het laboratorium in Drachten waar het gedroogd wordt en nader onderzocht door specialisten. ,,De vuursteenspecialist kijkt naar de pijlpunten en een specialist op het gebied van plantenresten kijkt bijvoorbeeld naar verkoolde hazelnoten.”

De bijl die we hier vonden zou daarna bijvoorbeeld geëxposeerd kunnen worden in lokale musea

Als het onderzoek is afgerond, belandt het materiaal in het archeologisch depot in Nuis. ,,De bijl die we hier vonden zou daarna bijvoorbeeld geëxposeerd kunnen worden in lokale musea als het IJstijdenmuseum van Buitenpost of het Observeum in Burgum.”

Pronkstuk uit vroege middeleeuwen is topvondst voor Fryslân

Het was volgens Velt al een prachtige vondst, maar het mesheft viel in het niet bij wat hij nog geen vijf meter verderop uit de grond haalde. ,,Ik sta er nog steeds versteld van, want daar vond ik een bijna complete fibula. Ik haalde drie grotere stukken en nog flink wat losse fragmentjes boven", legt Velt uit.

Nieuws

menu