Strakke lijnen in het landschap als herinnering aan een oud spoor tussen Lemmer en Joure | Het spoor terug

Als de Lelylijn komt wordt Zuidoost-Fryslân weer per spoor verbonden met Groningen en het Westen. Voor deze zomerserie volgt verslaggever Geert Veldstra met de fiets en te voet de oude tramlijn tussen Lemmer en Groningen. Wat is er nog van het oude spoor te zien en is hier ruimte voor de Lelylijn?

Het spoortraject Follega-Sint Nicolaasga.

Het spoortraject Follega-Sint Nicolaasga.

De Tramhaven. Wie een eeuw geleden van Amsterdam naar Fryslân reisde zette dikwijls hier in Lemmer voor het eerst voet op Friese grond, na een tocht van zo’n vijf uur met de stoomboot over de Zuiderzee.

Emmeloord en Groningen

Ik begin mijn tocht op de Vuurtorenweg op het zogenoemde Eintsje fan de Daam. Die dam stak vroeger zo de Zuiderzee in, nu is aan de overkant de Noordoostpolder te zien. Aan de westkant van de dam ligt nu een industrieterrein. In het zuidwesten is het IJsselmeer. Daarachter moet ergens Amsterdam liggen, de stad waarmee het Noorden weer een snelle verbinding moet krijgen, in de vorm van de Lelylijn. Althans, als het aan diverse lobbyclubs en bestuurders ligt.

Het traject is nog niet vastgesteld, maar er zijn in ieder geval plannen voor een route tussen Emmeloord en Groningen, via Heerenveen en Drachten. Er lijkt enige overlapping te zijn met het oude tramspoor dat honderd jaar geleden de snelste verbinding was met het Westen, met een snelheid van (aanvankelijk) dertien kilometer per uur.

Station

Aan het eind van de Vuurtorenweg, tegenover de Tramhaven, stond vroeger het station. Dit is tegenwoordig een winkelcentrum met onder meer twee supermarkten. Hier kon je opstappen voor een rit van vier uur naar Groningen. De namen Stationsweg en Tramweg herinneren nog aan die geschiedenis.

Ik volg het oude spoor over de Stationsweg tot de Villa Novalaan, waar het rechtsaf boog over die laan om te stoppen op de plek van het huidige kinderdagverblijf Prokino, dat precies over het oude spoor is gebouwd. Te voet kan ik om het pand heen om bij de Sylroede uit te komen. Voorheen was hier een trambrug, maar daar is niets meer van te zien.

Hoger

Via de brug in de rondweg links ga ik over het water om daarna direct weer rechtsaf de wijk in te gaan, langs de woonschepenhaven. Op de Houtrib zie ik al gauw het oude tramspoor dat meer dan een meter hoger ligt dan het omliggende terrein. De rails zijn al lang weg, maar vanaf hier is het oude traject nog wel grotendeels intact. Het is een kaarsrechte lijn van 7,7 kilometer die dwars door de groene weilanden tussen Lemmer en Sint Nicolaasga loopt.

Het begint als een fietspad, maar verandert buiten Lemmer al gauw in een puinweg die hier en daar volledig begroeid is met hoge stengels gras. Ik ontmoet hier Sven de Jong, een twintiger uit Lemmer die een zwart hondje uitlaat dat wel wat weg heeft van een poedel. Maar wat voor ras het precies is weet hij zelf ook niet. ,,Er zit van alles in.”

Net als andere hondenbezitters loopt hij hier graag, maar hij moet van mij horen dat hier ooit een tram reed. Het maakt hem niet zoveel uit of de Lelylijn er komt. ,,Je bent misschien wat sneller in Amsterdam, dat is wel leuk, maar het is niet echt nodig. Je hebt hier ook wel een bus.” Als er dan toch een trein moet komen, dan liever niet op het oude tramtraject. ,,Je kunt hier heerlijk de hond uit laten.”

Torens

Er is wel voldoende ruimte. Je kunt in de verte de kerktorens van Sint Nicolaasga en Wijckel zien en de zendtoren van Spannenburg. In de plannen voor de Lelylijn - en diens voorganger de Zuiderzeelijn - wordt geopperd het spoor langs de A6 te laten lopen, maar dat is nog wel een flinke opgave. De snelweg gaat over een lengte van 4,6 kilometer door de Tsjûkemar en bij de Skarster Rien is nog altijd een ophaalbrug in de snelweg. Wellicht zou dat een tunnel moeten worden.

Het pad is tot aan de Follegea Sleat te volgen. Ook daar lag vroeger een trambrug. Precies boven het spoor is - aan de overkant van het water - een huis gebouwd. Het pad mond uit in natuurgebied De Grutte Brekken van Staatsbosbeheer. Er ligt een wandelpad tussen het oude tramtraject en het dorp. Dit is niet altijd begaanbaar, aangezien er ook weleens schapen worden geweid op het pad.

Aan de andere kant van het water pak ik het spoor weer op bij de N354, waar het tracé doorloopt naar het Westend bij Sint Nicolaasga. Daar stopt het bij de jachthaven. Via de Lemmerweg, de Kade en de Stationsstraat kom ik weer bij de oude route. Het oude stationsgebouw staat er nog altijd en is al bijna zestig jaar in gebruik als jeugdsociëteit De Wissel. Vanaf hier is het oude tracé weer als fietspad te volgen, 3,5 kilometer tot in Scharsterbrug.

Doodlopend

Na de brug over de Skarster Rien loopt het traject door als een doodlopend voetpad tot de A7. Aan de andere kant van de weg is het traject ook nog in tact als doodlopend pad. Vanaf de Sewei heeft de Tramlijn een nieuwe invulling gekregen als fietspad achter de Scheen. Ik kom op bekend terrein en fiets achter het huis langs waarin ik ben opgegroeid. Mijn vader bracht zijn jeugd in een huis verderop door. Toen reed de tram hier nog. Als kind sprong hij er wel op, om stiekem een stukje mee te liften. Het kwam wel eens voor dat iemand er niet meer af durfde te springen en dus een flink eind weer naar huis moest lopen.

In die tijd werd de tram alleen nog gebruikt voor goederenvervoer. Het personenvervoer stopte in 1947 vanwege de opkomst van de bus. Het goederenvervoer hield in 1968 op, waarna er op dit hele traject alleen nog een tram bleef rijden tussen Drachten en Groningen. Maar daarover later meer.

Het Friesch Dagblad volgt voor deze serie is zes etappes de restanten van de oude tramroute tussen Lemmer en Groningen