Op de plek van Stadscafé Artisante (r) stond ooit een stadhuis, ontdekte de plaatselijke historische vereniging. Links het huidige stadhuis.

Waarom Dokkum in de loop der eeuwen menig stadhuis versleet

Op de plek van Stadscafé Artisante (r) stond ooit een stadhuis, ontdekte de plaatselijke historische vereniging. Links het huidige stadhuis. Foto: Marcel van Kammen

Het huidige stadhuis op de Zijl in Dokkum is rond 1610 in gebruik genomen. Maar de jaren ervoor wisselde het stadsbestuur in fors tempo regelmatig van locatie.

Tot voor kort werd gedacht dat dat pand werd betrokken nadat het stadsbestuur drie jaar in het hoofdgebouw van de voormalige abdij zat. Maar, maakte de Historische Vereniging Noordoost-Friesland gisteren bekend, het bestuur ging niet naar het pand waar nu de HEMA zit, maar naar een locatie in de Hoogstraat tegenover het huidige stadhuis. Op die locatie zit nu een deel van het pand waar stadscafé Restaurant Artisante is gevestigd.

Bouw geen vergaderzaal bovenop het gemeentehuis, maar verplaats de raadszaal naar de Bonifatiuskerk. Dit idee lanceert de stichting Behoud de Bonifatiuskerk voor Dokkum https://t.co/JETnMAegYZ

— Friesch Dagblad (@frieschdagblad) November 11, 2019

Van dat oude raadhuis rest alleen nog een waterput, die nu onder de vloer van het restaurant is weggewerkt. ,,Uit de archiefstukken blijkt dat het stadsbestuur, voor de verhuizing naar het abdijgebouw daar ook al zat en er weer terugkeerde. Pas een paar jaar later wordt het pand aan de Lange Oosterstraat gekocht. Daarbij moet je niet denken aan een statig gebouw, want ze bouwden het al snel uit met onder andere een toren”, zegt Piet de Haan van de Historische Vereniging Noordoost-Friesland.

Nederlandse Opstand

Waarom het stadsbestuur zo vaak verhuisde, is volgens hem moeilijk in de archieven terug te vinden. Maar de roerige tijd van de Nederlandse Opstand en de opkomst van Dokkum als vestingstad was daar vast debet aan. ,,Voordat het stadsbestuur in 1590 naar de Hoogstraat vertrok, zat het ook een aantal jaren in het hoofdgebouw van de voormalige abdij. Daar was de stad dankzij de reformatie eigenaar van geworden. Door de reformatie, die in Fryslân in 1580 begon, vervielen de kloostergoederen aan de Staten van Fryslân. Die schoven een groot deel daarvan door naar de steden.”

Dokkum begon aan een bloeiperiode en ontpopte zich als een vestingstad

Waarom het bestuur in 1583 het Artisantepand verruilde voor het hoofdgebouw van de abdij kan De Haan niet met zekerheid zeggen. ,,Misschien had dat te maken met de economische bloei rond die tijd. Dokkum begon aan een bloeiperiode en ontpopte zich als een vestingstad. De bolwerken werden aangelegd, grachten gegraven. Het kan zijn dat het stadsbestuur het Artisantepand te klein vond worden en wellicht vond het het veel grotere abdijgebouw meer statuur hebben.”

Dat het bestuur drie jaar later toch terugkeerde naar het Artisantepand kan te maken hebben met de ligging van het voormalige abdijcomplex. ,,Het lag ver van het economisch hart van Dokkum, achter het kerkhof.”

Verbazingwekkend

De snelle opkomst van Dokkum is best verbazingwekkend, vindt De Haan. ,,In 1572 werd de stad tijdens de zogeheten Waalse furie door Caspar de Robles geplunderd en platgebrand. Maar tien jaar later had Dokkum zich daar al zo goed van hersteld dat men begon met de aanleg van de bolwerken en grachten. Dat ging voor een groot deel over het terrein van de voormalige abdij dat daarom deels werd afgebroken. Maar waar al dat geld voor de bouwwerken vandaan kwam is niet duidelijk.”

Bij de onthulling van het adres van het oude tot voor kort onbekende stadhuis waren gisteren zowel burgemeester Johannes Kramer als ook hoofdbode Simon Vellema aanwezig. De Haan: ,,De bodebus die Vellema draagt is rond 1840 gemaakt door zilversmid J. Kramer, een naamgenoot van de burgemeester. En die kijkt vanuit zijn werkkamer op het oude tot voor kort onbekende stadhuis.”

De meeste partijen in Noardeast-Fryslân vinden dat het idee om de raadszaal in de tegenover het gemeentehuis gelegen Bonifatiuskerk in Dokkum te vestigen, zeker onderzocht moet worden https://t.co/BkaQZ3wz8P

— Friesch Dagblad (@frieschdagblad) November 22, 2019