Jan en Wietske Hager uit Wolvega zijn 89, maar genieten nog elke dag van het leven

Als ouderling van de Schranskerk in Leeuwarden ging Jan Hager nog regelmatig op huisbezoek bij Hendrik Algra, toen hoofdredacteur van het ‘Friesch Dagblad’. ,,We konden het goed met elkaar vinden, al was hij meer aan het woord dan ik.” Dat de Hagers trouwe FD-lezers waren en zijn, sprak vast in hun voordeel.

Jan en Wietske Hagen-Jellema, genieten na 65 jaar huwelijk nog elke dag van het leven.

Jan en Wietske Hagen-Jellema, genieten na 65 jaar huwelijk nog elke dag van het leven. Foto: Rens Hooyenga

De jaren waarin ze woonden aan de Huizumerlaan en kerkten in de Schranskerk waren misschien wel de mooiste van hun leven, vinden Wietske Hager-Jellema en haar man. Ze zijn nu allebei 89 jaar oud, kennen elkaar 70 jaar, en zijn maandag 65 jaar getrouwd.

Ze woonden indertijd boven de toenmalige groente- en bloemenveiling waar Jan de veilingklok bediende en Wietske de kantine beheerde. ,,Dan moest ik al om vier uur ‘s morgens aan de slag, want dan kwamen de eerste bezoekers.” Jan mocht een paar uur later beginnen, maar ging gelijk met Wietske van bed. ,,Dan hielp ik haar met de koffie en de broodjes.”

Bazaar

Ze ontmoetten elkaar zeventig jaar geleden op een bazaar van de kerk in Menaam. Wietske: ,,Ik woonde in Dronryp en Jan in Berltsum. Menaam lag mooi in het midden.” ,,Maar het kon ook een bazaar van een vereniging zijn geweest hoor”, zegt Jan. ,,Want nadat ik haar zag ben ik de rest vergeten.”

Ze kregen verkering en vijf jaar later kochten ze een huis in Dronryp. Wietske: ,,Nu is er woningnood, maar toen wij trouwden was het misschien nog erger. We konden niets huren, maar gelukkig wel een huis kopen.”

,,De voorkamer was prachtig ingericht met allemaal nieuwe spullen. Maar voor de inrichting van de achterkamer hadden we geen geld meer. Dat hebben we in de jaren erna bij elkaar gespaard”, vult haar man aan.

Veiling

Na diverse baantjes kreeg hij werk bij de veiling. Voor ze naar Leeuwarden konden verhuizen, fietste Jan elke dag naar zijn werk. ,,Het was wel lastig met eten. Zeker ‘s zomers was het werk pas om acht uur ‘s avonds afgelopen. We hadden geen telefoon, dus kon ik Wietske niet waarschuwen wanneer ik op de fiets stapte. Ze kon pas aan het eten beginnen als ik om een uur of half negen thuis kwam.”

De komst van een telefoon gaf lucht, en het werd helemaal een stuk makkelijker toen het echtpaar een woning boven de veiling kreeg aangeboden. Wietske: ,,Dat was prachtig. We hebben daar met enorm veel plezier gewoond.”

Fusie

Daar kwam een einde aan toen de veiling in Leeuwarden na een fusie werd opgeheven. ,,De mensen die er werkten kregen allemaal te horen dat ze waren ontslagen. Maar mijn naam werd niet genoemd. ‘Jij komt bij ons in Aalsmeer werken’, zei de directeur van die veiling. ‘Daar komt niets van in’, zei ik. ‘We wonen al ons leven lang in Fryslân en dan zouden we op onze 58ste naar het Westen moeten?’ Overleg maar met Wietske, adviseerden ze me.”

,,Maar ik was het helemaal met hem eens. Nooit weg uit Fryslân.”

Het betekende een vroegtijdig einde aan hun loopbaan. Jan: ,,Ik mocht nog wat dingen afwerken, en toen was het afgelopen. Maar we hadden een goede regeling hoor.”

Riviercruises

Gingen ze samen al graag op vakantie, vanaf dat moment hadden ze daarvoor tijd te over. ,,Toen we net getrouwd waren was het een weekje Sondel op de fiets”, vertelt Wietske. ,,Toen we een auto hadden reisden we zo’n beetje heel Europa door”, vult Jan aan. ,,Twee keer hebben we ook Israël bezocht. En we gingen ook op wintersport.”

Een ziekte van Wietske op haar 65ste leek een eind te maken aan de reizen. Wietske: ,,Toen ontdekten we riviercruises. De Rijn, de Maas, we zijn ze allemaal afgevaren. Cruises tot aan het zuiden van Frankrijk toe.”

Na de sluiting van de veiling waren ze naar Oosterwolde verhuisd. ,,We hadden een vakantiehuisje in Diever en kenden de omgeving goed”, vertelt Jan.

Corona

Sinds maart van dit jaar wonen ze in WilgenStede in Wolvega, al ging dat niet zo soepel. ,,Ik lag in het ziekenhuis en Wietske had verzorging nodig. Zij kon hier vlakbij in de LindeStede terecht. Toen kwam corona en konden we elkaar drie maanden niet zien.” Na veel gedoe konden ze samen naar de WilgenStede. ,,Maar daar praat ik liever niet te veel over. Dat is nu voorbij en we zitten hier nu prima.”

Dat ze geen kinderen hebben gekregen, vinden ze heel jammer. Jan: ,,Je hebt niet alleen het verdriet van kinderloos zijn, maar ook het gemis van klein- en achterkleinkinderen. Dat blijft een gat in je hele leven.”

Wietske: ,,Maar we hebben wel fantastische neven en nichten. Die kwamen altijd in de schoolvakantie bij ons aan de Huizumerlaan logeren. Daar hielden we met onze eigen vakanties rekening mee. En ze komen nog steeds bij ons op bezoek.”

Gezegend

,,Als we kinderen hadden gehad, hadden we denk ik ook lang niet zoveel mooie reizen kunnen maken”, vult Jan aan. ,,We hebben een heel gezegend leven. We zijn al 89, maar we genieten er nog elke dag van.”

Ze missen wel de zondagse gang naar de kerk. Jan: ,,De laatste jaren gingen we naar de kerk in Zorgvlied, de Obadjakapel. Maar dat is een klein gebouwtje, dus lastig te bezoeken in coronatijd. De diensten zijn wel via de televisie te volgen, maar dat is toch anders. Zodra het veilig kan, pakken we de auto en gaan naar Zorgvlied.”