Zelf iets veranderen, dat is wat ieder gemeenteraadslid wil: ,,Het is veel en eigenlijk altijd te weinig”

Gemeentes worden omvangrijker en het werk van raadsleden ook. Nog steeds gaat een groot deel van de werktijd naar het lezen van nota’s, overleggen en vergaderen. Hoe houd je het leuk in de raad? En lukt het nog om nieuwe fractieleden te werven? ,,Als ik vertel hoeveel uur je er in de week aan kwijt kunt zijn, dan stopt het gesprek daar vaak wel. Toch zeg ik: laat je niet afschrikken.”

Een dossier als de zandwinning, waarover het college van De Fryske Marren in 2019 uiteindelijk uiteen viel, slokt veel tijd op voor de gemeenteraadsleden.

Een dossier als de zandwinning, waarover het college van De Fryske Marren in 2019 uiteindelijk uiteen viel, slokt veel tijd op voor de gemeenteraadsleden. Foto: Niels de Vries

,,Wy sitte no trije oeren foar in byldskerm. De postzegels komme hielendal op my ôf en ik bin eigenlijk wol oan ’e ein fan myn Latyn.” Het was al kwart voor elf ’s avonds op 16 december vorig jaar en de gemeenteraad van De Fryske Marren was nog steeds aan het vergaderen. In coronatijd betekent dat een lange zit achter een beeldscherm in plaats van in de vergaderzaal. FNP-fractievoorzitter Jan Volbeda had het even helemaal gehad. ,,Ik wol sa gau mooglik ôfslute.”

Burgemeester Fred Veenstra had net daarvoor voorgesteld om de laatste twee van tien agendapunten naar de volgende vergadering door te schuiven. In zijn nieuwjaarstoespraak daarna pleitte hij voor werkverlichting voor raadsleden. ,,Vergaderen is leuk, maar de rol van volksvertegenwoordiger is breder en vooral daar moet tijd voor zijn”, zei hij.

Het werk van raadslid kost steeds meer tijd. Stopten raadsleden in 2007 gemiddeld veertien uur in hun taak, naast baan, gezin of studie, in 2017 was dat 15,9 uur en in 2019 17,17 uur, zo blijkt uit het recentste Nationaal Raadsonderzoek. In de grootste gemeenten is dat 24 uur.

Zestien uur

Anne Merkuur van GroenLinks in De Fryske Marren schat dat ze als fractievoorzitter zo’n zestien uur per week aan raadswerk besteedt. ,,Het wisselt, de ene keer ben je er twee avonden druk mee, soms vier. Daar zitten dan de raadsvergaderingen bij, maar ook de voorbereiding. De fractievergaderingen, periodiek overleg, al het leeswerk en de overleggen.”

Het gemiddelde werd behoorlijk opgeschroefd toen de raad in 2019 moest besluiten of ze zandwinning voor de Gaasterlandse kust wilde toestaan. ,,Daar heb ik toen echt een paar dagen vrij voor moeten nemen. Het was een belangrijk punt voor ons en het was ontzettend veel werk om dat goed voor te bereiden en de argumentatie juridisch goed te onderbouwen.” Haar gemeente vergadert nu om de twee weken. Die werkwijze gaat op de schop. ,,We willen de vergaderdruk weer iets naar beneden krijgen.”

Merkuur werkt drie dagen als taalkundig onderzoeker bij De Fryske Akadamy en één dag als docent bij de Rijksuniversiteit Groningen. Raadswerk probeert ze zoveel mogelijk in de avonden en weekenden te doen. ,,Maar tussendoor krijg je ook telefoontjes en mails. Daar ontkom je niet aan.” Op het moment van het interview heeft ze andere bestuursdrukte achter de rug, bij de lokale ijsclub. ,,Een aantal jaar geleden ben ik daarbij gegaan, maar jaren was er geen ijs. Nu wel. Ik heb ijsvrij genomen, want ik ben ook echt een schaatser.”

Meer het gemeentehuis uit

Echt tevreden is ze niet over de tijd die ze aan haar rol als volksvertegenwoordiger kan besteden. ,,Het is veel en altijd te weinig. Je wilt er het liefst meer tijd in steken, langsgaan bij inwoners, meer het gemeentehuis uit. Maar daarvoor is eigenlijk te weinig tijd, want ik heb ook mijn werk en een gezin. Ik kan niet zoals sommige raadsleden 25 uur in dit werk steken. We hebben nog meer raadsleden met jonge kinderen. Het is best pittig, je komt uit het werk om vijf uur, haalt je kind op, eet samen, brengt het naar bed en rijdt dan - voor coronatijd - door naar het gemeentehuis in Joure.”

Dat je zelf iets kunt bijdragen en veranderen, dat is superleuk. Daar doe je het voor. Zoals de zandwinning, ik ben blij dat dat van de baan is

Toch is het haar die investering waard. ,,Dat je zelf iets kunt bijdragen en veranderen, dat is superleuk. Daar doe je het voor. Zoals de zandwinning, ik ben blij dat dat van de baan is. Als je een raad hebt die goed functioneert, zoals het geval is, dan kun je mooie dingen doen.”

Veranderingen door dualisering

In 2002 werd de dualisering van de gemeentepolitiek ingevoerd, waardoor de rollen en taken van het college van B en W en raad werden gescheiden. Net zoals ministers buiten de Tweede Kamer staan, zijn wethouders sindsdien geen lid meer van de gemeenteraad. Raadsleden worden ondersteund door een eigen griffier en een rekenkamer, die onderzoek doet naar beleid.

Het idee was dat raadsleden dan minimaal de helft van de tijd konden besteden aan contact met inwoners en maatschappelijke organisaties, in plaats van bestuurlijke taken, zoals het lezen van nota’s en rapporten, vergaderen en overleggen. Dat is nog niet gelukt. Uit het Nationaal Raadsonderzoek blijkt dat nog bijna 70 procent van de tijd naar dat lees- en vergaderwerk gaat.

Decentralisaties zorgden ervoor dat gemeenten specifieker zorgbeleid dichter bij de burger konden maken, maar paradoxaal genoeg zijn we tegelijkertijd naar grotere gemeenten gegaan

Met minder vergaderen los je dat niet op, zegt directeur John Bijl van het Periklesinstituut, dat gemeenteraden en fracties adviseert over effectiever werken. ,,Helaas zullen democratie en efficiëntie elkaar toch altijd in de weg zitten. Het efficiëntst is als iedereen doet wat één persoon besluit, maar dat is niet de samenleving die we moeten willen.”

De roep om werkverlichting onderschrijft hij. Gemeentes en daarmee ook gemeenteraden kregen met de decentralisaties (onder andere zorg en jeugdhulp) meer verantwoordelijkheden en ingewikkelde dossiers op het bord. ,,Straks komt daar de nieuwe omgevingswet bij, die veel van gemeenteraden gaat vragen. Decentralisaties zorgden ervoor dat gemeenten specifieker zorgbeleid dichter bij de burger konden maken, maar paradoxaal genoeg zijn we tegelijkertijd naar grotere gemeenten gegaan, met een groter oppervlak en minder volksvertegenwoordigers.”

Groter takenpakket

Want waren er in 2002 nog 9952 raadsleden, in 2012 waren dat 9175 en nu ongeveer 8500. Het aantal inwoners bepaalt het zeteltal. Bij de herindelingen van 2017 (voor zeven gemeenten) verdwenen in Fryslân bijvoorbeeld vijftig zetels. Bijl: ,,Terwijl het om hetzelfde gebied gaat. Het takenpakket is dus uitgebreid, maar er zijn geen mensen bijgekomen. Intussen gaat het er wel om of oma nog steunkousen krijgt van de gemeente. Zulke besluiten zijn met meer afstand genomen dan raadsleden lief is.”

Het takenpakket is dus uitgebreid, maar er zijn geen mensen bijgekomen. Intussen gaat het er wel om of oma nog steunkousen krijgt van de gemeente

In de grootste gemeenten klinkt de roep om van raadswerk een fulltimebaan te maken, met meer vergoeding, zodat zij al hun tijd kunnen steken in het uitvoeren van hun controlerende en volksvertegenwoordigende rol. Een lastig dilemma, vindt Bijl. ,,Dan heb je geen lekenbestuur meer en het liefst heb je juist raadsleden die in de samenleving staan.” Hij pleit eerder voor een uitbreiding van het aantal raadsleden, zodat de taken beter kunnen worden verdeeld.

Wees selectiever

Kleine fracties doen er sowieso goed aan selectiever te zijn in de onderwerpen waarover ze in debat willen ,,Ze zullen dat met pijn in het hart doen, maar het is wel beter om het behapbaar te houden. Anders kom je na vier jaar tot de ontdekking dat je niets hebt kunnen bereiken, voor jezelf en voor de kiezer niet.”

Het is onder andere hoe de driekoppige fractie (twee raadsleden, één commissielid) van GroenLinks in De Fryske Marren het aanpakt. Merkuur: ,,Ik vertrouw bij bepaalde punten op de expertise van collega-raadsleden die bijvoorbeeld goed onderlegd zijn in financiële stukken van de sociale werkvoorziening. Je hoeft niet overal tot in alle details te gaan, niet alles is politiek. Weet je dat je het eens bent, dan kun je beter samenwerken. Je moet weten op welke punten je de degens wilt kruisen. We hebben sowieso minder mankracht. We proberen ons te richten op punten waar wij het verschil willen maken.”

Schets duidelijker wat je verwacht van het uiteindelijke beleid, dat geeft meer richting aan het college. Als je eerder daarover met elkaar in gesprek gaat, bespaar je veel tijd

Een van de belangrijkste verbeteringen die gemeenteraden kunnen maken is vaker initiatief te nemen om over de uitgangspunten voor nieuw beleid te praten, stelt Bijl. ,,Raden wachten nog te vaak op een voorstel van het college, om daar vervolgens iets van te vinden. Schets duidelijker wat je verwacht van het uiteindelijke beleid, dat geeft meer richting aan het college. Als je eerder daarover met elkaar in gesprek gaat, bespaar je veel tijd. De gemeenteraad bepaalt zelf waar de agenda over gaat.”

In onderzoek van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden gaf 86 procent van de bevraagde raadsleden aan in meer of mindere mate tijds- en werkdruk te ervaren. Voor bijna een derde van de leden die na de verkiezingen van 2018 stopten, was die hoge werkdruk de reden. Dat gold vooral voor jongere raadsleden (tussen de 25 en 35 jaar).

Aantrekkelijker maken

Hoe houd je het raadswerk dan aantrekkelijk voor alle leeftijdsgroepen? Jesper Kraakman (23) uit Boijl heeft daar wel een idee over. ,,Als je het aantrekkelijker wilt maken voor werkende mensen, moet je ervoor zorgen dat de tijd efficiënter wordt ingedeeld. Raadsvragen kun je ook wel van tevoren insturen. En stukken het liefst tijdig inleveren, zodat je er niet op het laatste moment nog naar moet kijken.”

In november vorig jaar stopte hij als raadslid voor de VVD in Weststellingwerf. Hij volgt een master bestuurskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen en zag de combinatie met zijn raadswerk niet langer voor zich. ,,Mijn studie moet ik halen.”

Ik dacht, ik kan het half doen, maar daarvoor is het een te mooie taak. Ik wilde het voor de volle honderd procent doen

Zijn tijdsinvestering lag tussen de veertien en achttien uur, schat hij in. Hij ervoer werkdruk. ,,Maar ik vind dat ook een nogal negatief woord, werkdruk hoort er ook wel bij. En je krijgt er een vergoeding voor. De drukte kwam in vlagen, bijvoorbeeld een motie die vooraf binnenkwam terwijl je in de ochtend college hebt. Die zie je dan voorbij komen, daar moet je dan wel wat mee. Toch even lezen en overleggen met de fractie.”

Op zijn twintigste kwam hij in de raad. ,,Heel gaaf. Het was enorm leuk, maar voor mij was het beter om nu op de achtergrond te treden. Je bent er toch al gauw twee avonden in de week mee bezig. Je hebt niet alleen de vergaderingen, maar ook de informatiebijeenkomsten in dorpen en fractievergaderingen. Ik dacht, ik kan het half doen, maar daarvoor is het een te mooie taak. Ik wilde het voor de volle honderd procent doen.”

Kom koffie drinken

De volgende gemeenteraadsverkiezingen zijn in 2022. Het is een kluif om nieuwe fractieleden te werven, merkt Anne Merkuur. ,,Als ik ze vertel hoeveel uur je er in de week aan kwijt kunt zijn, dan stopt het gesprek daar vaak wel. Het is lastig om dat aan mensen te verkopen. Toch zeg ik: laat je niet afschrikken. Het werk wordt gedragen door de mensen die het doen. Elke bijdrage die je kunt leveren is welkom, je hoeft niet direct dat aantal uren erin te steken. Je kunt ook meedraaien in de commissie of ondersteuning. Kom gewoon een keer langs en drink een kop koffie. Nou ja, nu digitaal.”

John Bijl: ,,Mensen die raadslid worden, doen dat omdat ze zich voor de samenleving willen inzetten. Het zijn onverbeterlijke wereldverbeteraars. Wil je meer mensen werven? Laat dan vooral zien wat je als raadslid bereikt hebt, of dat nu dat pleintje is dat met jouw inzet vriendelijker is ingericht of het fietsbeleid dat je geagendeerd hebt waar auto’s de overhand kregen.”

Mensen die raadslid worden, doen dat omdat ze zich voor de samenleving willen inzetten. Het zijn onverbeterlijke wereldverbeteraars

Kraakmans ambitie is niet getemperd, hij blijft politiek actief. ,,Alleen nu niet als raadslid.” Met bestuurskunde had hij al enige achtergrond voor het lezen van stukken. Maar openbaar spreken, onderhandelen, dat leerde hij ook. ,,Een leuke, leerzame tijd. En ik kijk nooit meer hetzelfde naar een verkeersberm of openbaar groen.”

Nieuws

menu