Zwemdiploma op zak? Blíjf zwemmen voor je het verleert

Vijftig meter op de rug, vijftig meter op de buik en watertrappelen. Dat was het zo’n beetje. Daarna had je diploma A, weet badmeester Bonne Helfrich van zwembad De Wettervlecke in Surhuisterveen nog van zijn eerste avonturen in het zwembad ergens in de jaren zestig.

Drillen langs de kant van zwembad gebeurt niet meer. Foto: ANP

Drillen langs de kant van zwembad gebeurt niet meer. Foto: ANP

Hoe anders is het zwemonderwijs nu met het Zwem-ABC, dat deze maand precies twintig jaar geleden werd geïntroduceerd. In 1998 kreeg Nederland officieel een gestandaardiseerd programma, en opgeschroefde eisen. Nog altijd werkt de Nationale Raad Zwemveiligheid aan het verbeteren van de zwemvaardigheid van Nederland.

Sinds de jaren tachtig was er weliswaar een Nationaal Zwemdiploma, maar iemand met een diploma A in Leeuwarden, had niet per se dezelfde vaardigheden als iemand uit het Zuiden met hetzelfde papiertje.

Met droog haar afzwemmen

In principe kon je op sommige plaatsen nog met ‘droog haar afzwemmen’, aldus de Nationale Raad Zwemveiligheid. Onverantwoord met al die subtropische zwembaden die in de jaren tachtig als paddenstoelen uit de grond schoten. ,,Baantje zwemmen is niet genoeg in een golfslagbad of als je - roetsj - gedesoriënteerd uit een wildwaterbaan komt”, aldus Marjolein van Tiggelen.

Mensen denken nog vaak: zwemmen verleer je niet, net als fietsen. Maar je kunt wél je vaardigheid verliezen

Bovendien gaan mensen meer op vakantie naar het buitenland en bij heel veel nieuwbouwwijken grenst de achtertuin van de nieuwe huizen aan een uitgegraven watertje. ,,Kinderen stappen zo vanuit de achtertuin in een rubberbootje.”

Pedagogische inzichten

Het Zwem-ABC van twintig jaar geleden is ook niet meer het Zwem-ABC van nu. Steeds opnieuw worden de eisen en de lesmethoden op basis van nieuwe pedagogische inzichten aangepast. Drillen langs de kant van zwembad gebeurt niet meer, maar de badmeesters en -juffen werken meer met belonen. ,,De maatschappij verandert, en dat vraagt aanpassingen en scherp blijven.”

Zo is het Zwem-ABC dit jaar helderder geformuleerd wat je eigenlijk veilig leert (A: zwemmen in een zwembad zonder attracties, B: zwemmen in een zwembad met attracties, C: zwemmen in buitenwater zonder stroming). Met de relatief vele verdrinkingen onder nieuwkomers heeft onder meer de Nationale Raad Zwemveiligheid met internetfilmpjes geprobeerd deze doelgroep te informeren over de mogelijke gevaren van water.

Vaardigheid verliezen

Ook gaat de Nationale Raad Zwemveiligheid bekijken hoe zwemvaardigheid na het behalen van het zwemdiploma op peil kan worden gehouden. Binnenkort komen onderzoekers met aanbevelingen hoe dat het beste kan worden aangepakt. ,,Mensen denken nog vaak: zwemmen verleer je niet, net als fietsen. Maar je kunt wél je vaardigheid verliezen en dat kán levensgevaarlijk zijn. Die scheidslijn is dun. Als je geregeld blijft zwemmen, behoudt je bijvoorbeeld conditie, wat nodig is als je naar de kant moet zwemmen of je terug in je bootje moet klimmen. Je behoudt ook je zelfvertrouwen: want als je angstig wordt, kan je verkrampen en dat moet je in het water vooral voorkomen.”