De overhaaste aftocht uit Afghanistan was een inschattingsfout. Daar wordt de Amerikaanse president Joe Biden terecht op afgerekend

Kort na zijn aantreden verkondigde president Joe Biden in zijn eerste speech over de Amerikaanse buitenlandse politiek dat na vier isolationistische jaren onder zijn voorganger Donald Trump ‘Amerika weer terug is’ op het wereldtoneel. Nou, dat hebben we geweten.

Niek van der Molen.

Niek van der Molen. Foto: FD

Bidens eerste belangrijke beslissing op buitenlands gebied boezemt weinig vertrouwen in. De door hem afgekondigde overhaaste terugtrekking van de troepen uit Afghanistan resulteert in een klinkende overwinning van de taliban waarmee alle vooruitgang die in de afgelopen twintig jaar in dat land is geboekt teniet is gedaan.

De chaotische aftocht van het ambassadepersoneel uit Kabul wekt associaties met het vernederende vertrek van de onoverwinnelijke geachte Amerikanen uit Vietnam in 1975. Tienduizenden Afghanen die in de afgelopen hebben gewerkt voor westerse mogendheden, hulporganisaties, media en mensenrechtenorganisaties zijn in de steek gelaten en vrezen voor hun leven.

En door de terugtrekking van de Amerikanen wordt volgens critici de deur opengezet voor Islamitische Staat om zich in Afghanistan te vestigen, net zoals dat in Irak gebeurde in 2011. Wat ook zwaar weegt, is dat de reputatie van de Verenigde Staten als vaandeldrager van democratie en mensenrechten ernstige averij heeft opgelopen.

In eigen land wordt Biden zwaar afgerekend op wat wordt gezien als een geopolitieke strategische blunder. De oppositionele Republikeinen roepen dat ‘Biden bloed aan zijn handen heeft’. En Trump tettert al dat Biden ‘in schande moet aftreden voor wat hij heeft laten gebeuren’.

Wanbestuur

Bij alle kritiek op Biden moet niet vergeten worden dat de president voor een moeilijke beslissing stond. Het was voor hem balanceren op een slap koord. Het strategische doel om Al-Qaeda in Afghanistan uit te schakelen was al lang en breed gehaald. En de VS kunnen natuurlijk niet tot in lengte van jaren miljarden besteden aan een door corruptie en wanbestuur geplaagd land dat niet bij machte is politieke en sociale hervormingen door te voeren. Bovendien hebben de meeste Amerikanen het helemaal gehad met de ‘eindeloze oorlogen’ in het Midden-Oosten.

Toch blijft het verbazingwekkend dat Biden met vijftig jaar ervaring in de politiek niet heeft stilgestaan bij de consequenties van zijn besluit. En dat hij geen voorwaarden heeft verbonden aan een Amerikaans vertrek, bijvoorbeeld dat er eerst vooruitgang zou zijn geboekt in de vredesonderhandelingen tussen de taliban en de regering-Ghani.

Door die inschattingsfouten laadt Biden de verdenking op zich dat hij alleen bekommert om het eigen Amerikaanse belang. Biden werpt zich op als wereldleider en beschermer van de democratie. Met het overhaast in de steek laten van de kwetsbare Afghaanse democratie doet hij het tegenovergestelde.