Iran is een theocratie. De verkiezingen voor een nieuwe president zijn slechts een democratisch vernisje | Achtergrond

De presidentiële verkiezingen van vrijdag in Iran zorgen voor onrust in de hoogste echelons van de politieke macht in dit land. Uit alles blijkt dat er een algemene sfeer van apathie leeft onder de bevolking en gevreesd wordt dat de opkomst bij deze verkiezingen ongekend laag zal zijn.

Ayatollah Khameini, de huidige geestelijk leider van Iran.

Ayatollah Khameini, de huidige geestelijk leider van Iran. Foto: EPA

Dit zou in ieder land leiden tot het plaatsen van vraagtekens bij de legitimiteit van degene die uiteindelijk als overwinnaar uit de bus komt. In Iran is er echter meer aan de hand, omdat het Iraanse politieke systeem nergens ter wereld zijn gelijke kent. Dit maakt het voor buitenstaanders vaak moeilijk om te doorgronden wat er feitelijk op het spel staat.

Sinds de Iraanse revolutie van 1979 hebben westerse intellectuelen geworsteld met de vraag wat er zich in Iran precies heeft afgespeeld. De pro-westerse Iraanse sjah Reza Pahlavi had zijn land met vaak harde hand gemoderniseerd en de Iraanse revolutie van 1979 werd daarom in het Westen door sommigen geïnterpreteerd als een culturele dekolonisatie.

Oftewel: terug naar de eigen tradities. Pas later bleek dat er in Iran een islamitisch regime was gecreëerd dat mogelijk was geworden door de vindingrijkheid van ayatollah Khomeini die de eigen sjiitische traditie had gerevolutioneerd.

Verre wortels

De wortels van die traditie gaan ver terug. Na de dood van de profeet Mohammed in 632 werd duidelijk dat hij de erfopvolging niet goed had geregeld en er ontstond meteen een strijd om de politieke macht. Abu Bakr, een vriend van de profeet, werd door een meerderheid tot nieuwe leider (kalief) gekozen, maar een minderheid was daar tegen. Zij vonden dat deze eer uitsluitend toekwam aan Ali, neef en schoonzoon van de profeet.

Zij vormden een partij (shia) voor Ali waar later de naam sjiieten van werd afgeleid. Ali werd uiteindelijk de derde kalief. In 661 werd hij vermoord.

Nog dramatischer waren de gebeurtenissen in het Iraakse Kerbala waar in 680 Ali’s zoon Hoessein werd vermoord door de heersende Umayyaden-dynastie. Hoesseins dood bekroonde in zekere zin het falen van sjiitische gelovigen om de politieke macht te verwerven. Ze verwierpen het gezag van de kaliefen en trokken zich terug in hun eigen spirituele domein.

Tegenover de successie-opvolging van de kaliefen ontwikkelde de shia haar eigen lijn van imams die afstammelingen waren van Ali. Deze imams hadden esoterische kennis en werden volgens hun sjiitische volgelingen door Allah zelf aangesteld en geïnspireerd.

Geen opvolger

In het jaar 874 ontstond er een existentiële crisis. In dat jaar stierf de elfde imam al-Askari zonder een zoon als opvolger na te laten. De sjiieten bleven verweesd achter zonder imam. Maar enkele decennia later verspreidde zich het gerucht dat al-Askari toch een zoon had gehad die Mohammed heette.

Deze twaalfde imam was volgens de overlevering echter in de grote verborgenheid of occultatie verdwenen en hij zal op het einde der tijden terugkeren als Mahdi of Verlosser. Deze Mahdi zal door de eeuwen heen in metafysische zin de enige legitieme leider der sjiieten zijn, maar de gelovigen hadden in dit ondermaanse eveneens directe spirituele en juridische leiding nodig. Er kwam daarom een proces op gang waarin sjiitische clerici en juristen hun eigen positie gingen versterken om namens de Mahdi de gelovigen te leiden.

Het was ayatollah Ruhollah Khomeini die de religieuze fundamenten uitwerkte voor een islamitische staat die gebaseerd was op ,,de autoriteit van de jurist’” ( wilayet-i-faqih ). Dit was een revolutionaire ontwikkeling, want sjiitische juristen hadden op geen enkel moment in de geschiedenis de staatsmacht opgeëist.

Khomeini’s religieuze revolutie bestond hierin dat hij als jurist ( faqih ) in naam van de verborgen Mahdi de staatsmacht overnam, waarmee hij de shia-islam politiseerde. Het was een totale afwijking van de orthodoxe of traditionele shia-praktijk, wat verklaart waarom veel sjiitische clerici Khomeini’s staatsmodel afwezen. Ze deden er echter het zwijgen toe omdat dissidenten door Khomeini tot „vijanden van God’’ werden verklaard. In een later stadium zou Khomeini zichzelf de titel van imam aanmeten, waarmee hij leek te suggereren dat hij wellicht de Mahdi was.

Onvervulde beloftes

De Iraanse revolutie is het verhaal van onvervulde beloftes, gemiste kansen, opeenvolgende onbekwame regeringen terwijl ondertussen de hoop van miljoenen Iraniërs geleidelijk aan verdampte. De revolutionairen hadden de Iraniërs democratie beloofd, maar hun revolutie eindigde in een verstikkend theocratisch despotisme.

Alles werd opgeofferd in de naam van religie en de financiële middelen van het land verdwenen naar landen in de regio om de export van de revolutie te verzekeren. Iran lijkt gegijzeld te worden door zijn eigen slogans en ideologie en de golf van demonstraties die maar blijven aanhouden, illustreren de frustraties van grote delen van het Iraanse volk. De Iraanse Shahrvand Online -website maakte onlangs bekend dat 67 miljoen Iraniërs zo arm zijn dat ze niet langer in staat zijn om dagelijks rijst te kopen. Volgens sommige bronnen leeft 80 procent van de Iraanse bevolking momenteel onder de armoedegrens.

Het is tegen deze achtergrond dat er in Iran vrijdag verkiezingen plaatsvinden om de opvolger te kiezen van president Hassan Rohani. Die staat bekend als gematigd en mag na twee ambtstermijnen niet meer worden herkozen. Er zijn 59 miljoen stemgerechtigden, maar slechts enkele kandidaten. De Raad der Behoeders heeft de afgelopen maanden namelijk honderden kandidaten gediskwalificeerd, zodat er uiteindelijk zeven kandidaten overbleven van wie vijf als uiterst conservatief worden omschreven.

Het is geen geheim dat Ebrahim Raisi de favoriet is van ayatollah Khameini, de huidige geestelijk leider. De zestigjarige in Mashhad geboren Raisi maakte carrière in de juridische sector en werd berucht door de talloze malen dat hij het doodvonnis uitsprak over politieke opponenten.

In 2019 kwam hij op een sanctielijst van de Verenigde Staten te staan wegens zijn voortdurende schendingen van de mensenrechten. Het ligt in deze context voor de hand om te denken dat hij niet de meest aangewezen persoon is om het Iraanse presidentschap te bekleden.

Lippendienst

Om dit te begrijpen moet rekening worden gehouden met het dualistische politieke systeem in Iran. De recente verkiezingen in onder meer Syrië en Algerije maakten duidelijk dat ook niet-democratische staten de gang naar de stembus kennen. Ook in deze landen wordt lippendienst bewezen aan het principe van de volkssoevereiniteit (waarbij de uiteindelijke macht bij het volk ligt). Dit botst echter met de overtuiging van islamisten die stellen dat de soevereiniteit uitsluitend Allah toekomt. Het betreft hier twee uitgangspunten die elkaar wezenlijk en principieel uitsluiten.

Het unieke, en daarmee tevens verwarrende, karakter van de Islamitische Republiek Iran ligt hierin dat er een politiek systeem ontstond dat een mengsel beoogde van de Goddelijke soevereiniteit én van de volkssoevereiniteit. De Iraniërs mogen naar de stembus om een parlement en president te kiezen, wat een kenmerk is van een democratisch bestel.

Besluiten van deze president en dit parlement kunnen echter nietig worden verklaard door ayatollah Khameini die als vertegenwoordiger op aarde van de mysterieuze Mahdi religieus onfeilbaar is. Hij staat aan de top van een theocratie die als belangrijkste doel heeft om de eigen sjiitische revolutie te beschermen. Daarom heeft Iran bijvoorbeeld naast een regulier leger zoals elke staat, tevens zoiets als de Iraanse Revolutionaire Garde die de sjiitische theocratie bewaakt en zo nodig oppositie met harde hand de kop in drukt.

Deze theocratie kent haar eigen instituties waarvan de leden niet gekozen worden door het volk. Bijvoorbeeld de Raad der Experts die kandidaten voor verkiezingen op hun religieuze geloofsbrieven beoordeelt en ze vervolgens massaal kan diskwalificeren zoals de afgelopen maanden gebeurde. De instituties van de Iraanse theocratie reguleren en leiden processen zoals verkiezingen die dit theocratisch bestel een democratisch vernis geven.

De presidentsverkiezingen die vrijdag in Iran plaatsvinden, zijn daarom wezenlijk anders dan elders ter wereld. Grote delen van de Iraanse bevolking lijken dit begrepen te hebben.


Martin Janssen is arabist. Hij woont in de Jordaanse hoofdstad Amman