De jeugdwerkloosheid in Latijns-Amerika is een 'tikkende tijdbom' | Achtergrond

De werkloosheid onder jongeren en de informele werkomstandigheden in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied zijn als gevolg van de economische en gezondheidscrisis vorig jaar sterk toegenomen. Met grote gevolgen, zo stelt de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO).

Een jongen skateboardt in een park in de Colombiaanse stad Cartagena.

Een jongen skateboardt in een park in de Colombiaanse stad Cartagena. Foto: EPA

Landen in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied worden geconfronteerd met een uitdaging die als een tikkende tijdbom werkt: hoge werkloosheid, een groeiende informele economie en een gebrek aan kansen voor jongeren die uit de Covid-19-crisis krabbelen. Hiervoor waarschuwde de Internationale Arbeidsorganisatie van de VN (ILO) afgelopen week.

De jonge bevolking ,,behoort tot de groep die het meest te lijden heeft onder de sociale en economische gevolgen van de pandemie in de regio”, zegt Vinícius Pinheiro, regionaal directeur van ILO vanuit het hoofdkantoor in Lima. De groep loopt volgens hem het risico een ,,opgesloten generatie” te worden.

De beperkingen die werden opgelegd om de pandemie het hoofd te bieden, hebben samen met de economische krimp in de regio (-7,7 procent in 2020) geresulteerd in de sluiting van veel bedrijven en een flinke daling van inkomens en banen. Bijna 26 miljoen banen gingen verloren, en vrouwen en jongeren werden hierdoor het hardst getroffen.

De verklaring van Pinheiro komt op de Internationale Dag van de Jeugd, die in 1999 door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties werd ingesteld om aandacht te geven aan de situatie en ambities van 1,2 miljard jongeren, 15,5 procent van de wereldbevolking.

Hoogste werkloosheid in jaren

In Latijns-Amerika en het Caribisch gebied bereikte het gemiddelde werkloosheidspercentage voor jongeren tussen vijftien en 24 jaar in het eerste kwartaal van 2021 23,8 procent. Dit is het hoogste niveau sinds dit gemiddelde in 2006 werd opgesteld.

Dat cijfer vertegenwoordigt een stijging van meer dan 3 procentpunten in vergelijking met het niveau vóór de pandemie. Tegelijkertijd kende de arbeidsparticipatie van jongeren volgens de ILO ook een krimp, óók met bijna 3 procentpunt, tot 45,6 procent. Dit houdt in dat begin dit jaar tussen de twee en drie miljoen jongeren uit de beroepsbevolking werden geweerd vanwege het gebrek aan kansen op werk.

,,Deze generatie heeft de gevolgen van Covid-19 ervaren via een veelvoud aan kanalen, zoals de onderbreking van hun onderwijs- of opleidingsprogramma’s, het wegvallen van de brug naar de arbeidsmarkt, en het verlies van werkgelegenheid en inkomen”, legt Pinheiro uit.

Blijvende gevolgen voor de toekomst

Een ander gevolg is ,,het vooruitzicht om in de toekomst grotere moeilijkheden te ondervinden bij het vinden van een baan”, zegt de functionaris. Volgens de analyse van het ILO kan het gebrek aan werkgelegenheid voor jongeren de loopbaantrajecten van mensen blijvend beïnvloeden en hun kansen op toegang tot fatsoenlijk werk in de toekomst beperken.

Hij zegt ook dat ,,hoewel de vraag naar werk weer iets lijkt op te leven en gepaard gaat met een grotere economische dynamiek, de werkgelegenheid voor jongeren zeer beperkt zal blijven.”

Tegelijkertijd bestaat het risico dat de toch al groeiende informele omstandigheden onder deze werknemers, die zes op de tien jongeren al vóór de pandemie trof, verder zullen verslechteren, stelt Pinheiro.

Bovendien is het gebrek aan werkgelegenheid ,,een bron van ontmoediging en frustratie”, zo stelt hij, die zelfs tot conflictsituaties kan leiden. ,,De protesten die vóór de pandemie in verschillende landen in deze regio waren ontstaan, werden geleid door jongeren. Na een hevige crisis die veel mensen zonder hoop heeft achtergelaten, hebben we al gezien hoe deze jongeren in sommige landen weer naar buiten komen om een toekomst op te eisen”, benadrukt hij.

Combinatie van beleid

Om deze uitdaging van jeugdwerkloosheid, de ,,tikkende tijdbom” volgens het ILO, het hoofd te bieden, is het volgens Pinheiro noodzakelijk om een combinatie van beleidsmaatregelen te nemen. Deze moeten zich richten op het vergroten van het aanbod van banen, het stimuleren van organisaties om jongeren aan te nemen en het ondersteunen van bedrijven en ondernemers.

Ook moeten onderwijs en opleiding worden bevorderd, ,,op zo’n manier dat ze beantwoorden aan de nieuwe eisen van de arbeidsmarkt, waaronder die van de digitale revolutie.”

,,Bij het ontwerpen van strategieën om de werkgelegenheid voor jongeren te bevorderen na deze verschrikkelijke pandemie is er één fundamenteel aspect waarmee we rekening moeten houden”, besluit Pinheiro: ,,we kunnen niet zonder de bijdrage van jongeren.”