Protest tegen gaswinning vindt steeds meer gehoor

De strijd tegen gaswinning wordt al lang niet meer alleen gevoerd door een handvol kritische burgers. Steeds meer lokale overheden sluiten zich aan bij de strijd. Daardoor komen overheden, lokaal en landelijk, tegenover elkaar te staan. Waar eindigt dit geschil? Wordt het hard tegen hard, net als in Groningen of trekken de protestgroepen toch aan het langste eind?

V.l.n.r Pier Winsemius, Ton Kramer en Alie Eiting.

V.l.n.r Pier Winsemius, Ton Kramer en Alie Eiting. Foto: Gerrit Boer

De keukentafel van Alie Eiting en Ton Kramer in Diever ligt bezaaid met dossiers. Mappen die keurig zijn ingedeeld op datum en binnenin papieren, categorieën en veel geel gearceerde zinnen. Het bespreekpunt vandaag is de gaswinning in het Friese Vinkega. Het Canadese gasbedrijf Vermilion won daar niet alleen te veel gas, maar ook versneld. Volgens de gegevens van de derde gast aan tafel, Pier Winsemius, won het bedrijf geen 905 miljoen Nm3 gas in negen jaar, maar 1.448 miljoen Nm3 gas in 6,5 jaar. Dat betekent een overproductie van meer dan een half miljard Nm3 gas. Nm3 staat voor ‘de normaal kubieke meter’ en wordt gebruikt om het volume van gassen uit te drukken.

Winsemius woont in Vinkega en probeert als particulier al jaren gaswinning in zijn dorp aan te vechten. Geen gemakkelijke klus. Maar door krachten te bundelen, sta je sterker, dacht hij. In Eiting en Kramer vond hij ervaren hulp. Als afdeling Westerveld van de Milieudefensie strijden zij al jaren tegen gaswinning en hun gemeente. En met succes. Milieudefensie Westerveld was de drijvende kracht achter het tijdelijk stilzetten van gaswinning in Noordwolde op basis van stikstofregels.

Winsemius: ,,De plannen die Vermilion in het originele winningsplan zet, zijn eigenlijk niks waard. In het plan gaat het bedrijf uit van een maximale productie van 450.000 Nm3 gas per dag. Want dat betekent dat er geen milieueffectrapportage (mer) vereist is. Maar vervolgens wordt dit in een aanvullende vergunningsaanvraag naar boven bijgesteld tot 2 miljoen Nm3 per dag. Voordat je hier als burger van op de hoogte bent, is het versneld winnen al in volle gang.” Winsemius merkt keer op keer dat hij pas achteraf kan constateren dat er iets fout is gegaan.

Raad van State

Eind augustus stond Winsemius, bijgestaan door Eiting en Kramer en samen met de gemeenten Westerveld en Weststellingwerf bij de Raad van State tegenover het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en gasbedrijf Vermilion. Het onderwerp was de overproductie en het versneld gas winnen door Vermilion in Vinkega. Bij het schrijven van dit artikel was de uitspraak van de Raad van State niet bekend. ,,Maar we rekenen nergens op”, sprak Winsemius kort na de behandeling van de zaak. ,,En misschien is het niet eens erg als we geen gelijk krijgen. Het gaat om de onderbouwing van de uitspraak. Dan hebben we bewijs voor mijn stelling dat het stoppen van illegale gaswinning ondoenlijk is voor burgers. Want daarvoor is de hele procedure te veel dichtgetimmerd.”

Winsemius doelt op de ingewikkelde procedures, zoals de omgevingsvergunning. Die moet je opvragen bij het ministerie. ,,Alleen het winningsplan laten ze zien, maar die gaat over de ondergrond. Voor burgers is het minstens zo interessant wat er boven de grond gaat gebeuren.”

Waddenvereniging wil dat geld van Ternaarder gas ook naar Wadden gaat

De Waddenvereniging wil dat er geld van het Ternaarder gas wordt geïnvesteerd in de Waddenzee. Dat schrijft de vereniging in een brief aan burgemeester Hayo Apotheker van Noardeast-Fryslân. Om gasbaten ten goede te laten komen aan de regio Noordoost-Fryslân is er rond de mogelijke gaswinning bij Ternaard een klein half jaar geleden een omgevingsproces begonnen.

Dat is voor Winsemius geen aanleiding om op te geven. Zowel hij als Eiting en Kramer zeggen overtuigd door te gaan met hun verzet. ,,Omdat het niet deugt en wij dat aan willen tonen. Omdat ieder bedrijf, ook Vermilion, zich aan de regels dient te houden”, aldus Winsemius.

Geert Roovers, lector Bodem en Ondergrond aan Saxion Hogeschool in Deventer erkent dit probleem. Ook hij merkt op dat als het gaat om ondergrondse werkzaamheden zoals gas- of zoutwinning, burgers pas mee mogen praten als de plannen tussen gaswinner en het ministerie al afgestemd zijn. ,,Daarmee creëer je ongenoegen, want mensen voelen zich niet serieus genomen en gehoord. Dat is een voedingsbodem voor protestgroepen.”

Daarom wordt bijvoorbeeld in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) vroegtijdig gewerkt aan een breed maatschappelijk draagvlak. ,,Als de verkeersproblematiek rond Rotterdam word aangepakt, gaan overheden en partners eerst met elkaar om tafel voor er plannen worden gemaakt. Bij de mijnbouw gaat het anders. Daar komen plannen pas naar buiten, als de plannen al gemaakt zijn.” In een column op de website bodemnieuws.nl noemde Roovers dit ‘de witte vlek in de mijnbouwwet’.

Het lukte haar om bezorgde dorpsgenoten te mobiliseren en de gemeenteraad van Opsterland te overtuigen dat gaswinning niet meer van deze tijd is

Toch gaat een vergelijking tussen beide domeinen niet helemaal op. Reden is dat er op het terrein van mijnbouw veel minder ervaring is met brede participatie. ,,Het domein van de mijnbouw is nog niet zo ver. Het is economisch gedreven. Bedrijven en het ministerie vinden participatie nog lastig. En zijn bang voor inbreuk op commerciële belangen en vertragingen in de planvorming. Ook het ‘ not in my backyard ’-risico blijft boven de markt hangen.”

Roovers is positief over de stappen die er de laatste jaren al gezet zijn. ,,Het adviesrecht voor gemeenten en provincies is er pas drie jaar. Het adviesrecht voor geothermie (aardwarmte) wordt uitgebreid. Kijk naar hoe het Rijkswaterstaat in de jaren tachtig verging bij de omvangrijke plannen voor de Oosterscheldekering. Het heeft de organisatie zeker tien jaar gekost om hun werkwijze te veranderen. Sinds die tijd zijn er veel ecologen en biologen werkzaam.”

Bezorgde burgers

Hij zegt eigenlijk richting actievoerders dat ze geen irreële verwachtingen moeten hebben. Monique Plantinga van de actiegroep Tsjingas vindt dat de actiegroepen over het algemeen met goede inhoudelijke argumenten komen. Zelf richtte ze samen met bezorgde burgers in 2017 een actiegroep op nadat bekend werd dat Vermilion een gasboorlocatie in Nij Beets wilde openen om een proefboring te doen.

Commentaar: Gaskraan Groningen dicht is begin van lang proces

Sneller dan verwacht draait de overheid de gaskraan dicht. Volgend jaar al zakt de winning tot onder het niveau dat Staatstoezicht op de Mijnen adviseert. En halverwege 2022 wordt er niets meer uit de grond gehaald. Dat is veel eerder dan het kabinet in maart 2018 voorzag toen het beloofde de gaswinning uit het Groningenveld 'zo snel als verantwoord' te beëindigen.

Het lukte haar om bezorgde dorpsgenoten te mobiliseren en de gemeenteraad van Opsterland te overtuigen dat gaswinning niet meer van deze tijd is. Net als andere gemeenten, werkt Opsterland niet langer mee aan het verstrekken van vergunningen voor gasaanvragen. De zaak van Nij Beets is behandeld bij de rechtbank Noord-Nederland en ligt inmiddels bij de Raad van State.

Daarbij vertelt Plantinga naar eigen zeggen juist het realistische verhaal. ,,We zeggen niet dat de gaskraan per direct dicht moet. Maar nieuwe gaswinning is niet nodig. Er zijn genoeg duurzame alternatieven. In plaats van de discussie te voeren met het groeiende verzet in de regio, kan de minister ook kijken hoe er een verduurzamingsslag gemaakt kan worden. Want die kant moeten we toch op met elkaar. Nieuwe, meer of langere gaswinning hoort niet thuis in een tijd van energietransitie.”

Het verzet op de bühne

In de afgelopen drie jaar zag ze de steun tegen gaswinning toenemen. ,,Vrijwel alle gemeenten in Fryslân zijn tegen. De provincie Fryslân is tegen. Ook steeds meer water-schapspartijen spreken zich tegen gaswinning uit. De ene na de andere actiegroep richt zich op.” De afgelopen jaren hebben de groepen elkaar steeds meer opgezocht. Tsjingas en de andere groepen helpen burgers aan informatie, geven steun bij het schrijven van zienswijzen, organiseren acties en brengen het verzet op de bühne. Dat is nodig, weet ze. Actievoerders in Assen beklaagden zich afgelopen zomer op RTV Drenthe het gevoel te hebben dat al hun werk voor niks is geweest. ,,We hebben alles gedaan wat in het handboek actievoeren staat. Handtekeningen verzameld, Tweede Kamerleden gesproken, de plaatselijke politiek gemobiliseerd en zienswijzen ingediend. Toch zijn we nog geen steek verder. Het is vechten tegen een heel leger van juristen en ambtenaren. Daar staan wij dan als vijf goedwillende burgers tegenover”, vertelde Gerrit Eerland van Stop Gaswinning Marsdijk Nu.

De toenemende steun vanuit de lokale overheid en de brede krachtenbundeling ziet Plantinga als de grootse winst. Met als hoogtepunt de strijd van de gemeente Smallingerland. De gemeenteraad wil geen nieuwe gasboringen en -winning en wil dit tegenhouden via bestemmingsplannen. Het ministerie van EZK daagde Smallingerland vervolgens voor de Raad van State. Het is wachten op de uitspraak, al is die voor Plantinga niet het belangrijkst. ,,We hebben al winst bereikt door alle media-aandacht.”

Ook op andere plekken in het land is gaswinning met succes aangevochten, zoals in Krimpenerwaard waar het actievoerders lukte om een proefboring te voorkomen. De waarde van een open landschap was uitgebreid omschreven in het bestemmingsplan. Zo goed, dat de rechter juridische aanknopingspunten had om de boring te verbieden.Geert Roovers, lector, zou graag zien dat gemeenten zelf veel proactiever kijken naar de ruimtelijke planning. ,,Wat willen wij met onze ondergrond? Waar willen we wel energie opwekken en waar niet. Welke vormen van energie moeten dat zijn? Als er op een plek geen gas gewonnen mag worden of zonneparken mogen worden aangelegd: waarom dan? En waar halen we deze energie dan wel vandaan? Het ministerie zou graag zien dat gemeenten hier een visie op ontwikkelen en wil daarover in gesprek.”

Niet compenseren

Bij het ministerie zien ze natuurlijk ook dat decentrale overheden en een groeiende groep inwoners kritischer is over mijnbouwactiviteiten (gaswinning en zoutwinning). ,, We hebben sterk de indruk dat de gevolgen voor omwonenden van de gaswinning in Groningen daar een grote invloed op hebben”, zegt Rinske Wieman, woordvoerder bij het ministerie van Economische Zaken. ,,Dat is niet nodig want de gaswinning in Groningen is van een geheel andere schaal. Ook gaan kleine gasvelden niet compenseren voor het minder winnen in Groningen.”

Minister Wiebes kondigde vorig jaar mei aan de totale gasproductie uit de kleine velden af te bouwen. Dit houdt in dat er geen vergunningen voor nieuwe gebieden worden afgegeven. In gebieden waar al wel vergunningen zijn, mogen nog wel nieuwe gasvelden worden opgespoord. Dit afbouwvoornemen wordt in de praktijk echter niet zo ervaren. Winsemius: ,,Er lijken juist meer activiteiten te zijn dan ooit. En Vermilion deinst er niet voor terug velden sneller en meer leeg te halen dan oorspronkelijk de bedoeling was. Vinkega staat niet op zich.”

De actievoerders zijn niet overtuigd dat Nederland niet zonder binnenlands gas kan. Plantinga: ,,Ik mis de wetenschappelijke bewijzen dat we in de problemen komen als we stoppen met nieuwe of meer gaswinning op land. Ik mis de eerlijke uitleg van het ministerie dat ze nu eenmaal langetermijnafspraken met gaswinners hebben gemaakt waar ze nu niet meer onderuit kunnen komen. In plaats van dat uit te leggen, wordt er tegen ons en de gemeente geprocedeerd. Dat houdt zo niet lang meer stand. Ook mis ik het besef dat van gas winnen schade komt, als bodemdaling en chemicaliën in bodem en water. Aanwijzingen van lekkende putten worden niet onderzocht, maar stelselmatig ontkend. Het ministerie blijft maar beweren dat gaswinning veilig is. ”

Maar dat het belang van Nederlands gas nog altijd groot is, staat voor het ministerie van EZK nog altijd als een paal boven water. ,,Aardgas blijft voorlopig nodig, want Nederlandse bedrijven en huishoudens verbruiken nog steeds veel gas”, aldus Wieman. ,,Nederlands aardgas is beter voor het klimaat dan gas uit Noorwegen of Rusland. Daarnaast brengt het werkgelegenheid mee en maakt het Nederland minder afhankelijk van andere landen.”

Volledig informeren

Verder is het ministerie helemaal niet van mening dat het ontbreekt aan een goede uitleg. ,,Het zo goed mogelijk, volledig informeren van gemeenten en provincies vinden we juist heel belangrijk. Daarom is er bij de VNG een bestuurlijk platform voor mijnbouwgemeenten opgericht. Het ministerie en de leden van het platform komen meerdere keren per jaar bij elkaar. Daar overleggen wij over het beleid, hoe de vergunningsprocedure verloopt en de manier waarop we de omgeving informeren. Ook werken we aan toegankelijker informatie op de website van het rijk. Hoe ingewikkelder de vergunningsaanvraag is, hoe uitgebreider ook ons traject is.”

Lector Geert Roovers vindt ook dat er te gemakkelijk gedacht wordt dat we zonder Nederlands gas kunnen. ,,Er zijn nog onvoldoende alternatieven voor gaswinning. Sterker, gas kan misschien juist wel een rol spelen bij de verduurzaming. Nu stoppen is echt geen optie.” Hij is als lector betrokken bij de zoutwinning in Twente en ziet veel parallellen. Studenten zijn daar onder zijn leiding bezig met projecten om de kritiek op zoutwinning eens om te draaien: Wat heeft zoutwinning bijgedragen aan de identiteit van de regio? Hoe heeft de zoutwinning het landschap veranderd?’ Al geeft hij toe dat zoutwinning een iets minder beladen onderwerp is dan gaswinning, dat sinds Groningen bij veel mensen een negatieve associatie oproept.

Bij Vermilion zelf hekelen ze de actiegroepen die volgens woordvoerder Hidde Baars ,,de grote stille meerderheid onnodig bang maakt”. „De deur staat bij ons altijd open, maar veel actievoerders treffen we alleen in de rechtbank. Dat is jammer.” Volgens Baars gebeurt het vaak dat op informatieavonden een handjevol mensen afkomt, terwijl de uitnodiging naar honderden adressen verstuurd is. ,,Daarom zoeken we zelf het contact op door met dorpsbelangen of andere lokale verenigingen in gesprek te gaan. We zijn niet het afstandelijke gesloten bedrijf zoals dat wel eens geschetst wordt.”

Wat volgens Baars zou helpen is als overheden meer met elkaar in gesprek gaan over het not in my backyard-gevoel. Want dat het ingewikkeld is om vergunningen voor gaswinning te doorgronden, ziet hij ook. Alleen al omdat de landelijke overheid gaat over wat er onder de grond gebeurt, terwijl de decentrale overheid gaat over de omgeving. ,,De grootste stap naar meer draagvlak zou zijn als gasbaten terugvloeien naar de regio. Dat geld kun je inzetten voor verduurzaming. Dat advies geven we al jaren. Want als je lokale gaswinning van nationaal belang vindt, moet je ook investeren in maatschappelijk draagvlak, vinden wij.”