Federer versus Nadal, een hoffelijke rivaliteit

Al vijftien jaar staan ze aan de top: Roger Federer en Rafael Nadal. Het contrast in speelstijl en karakter geeft hun partijen een magisch karakter. In Federer versus Nadal, de rivaliteit in 15 partijen beschrijft Volkskrant-verslaggever Robèrt Misset een tweestrijd die de tennissport is ontstegen.

29 januari 2017: Rafael Nadal (l) en Roger Federer na afloop van de finale van de Australian Open. Foto: EPA

29 januari 2017: Rafael Nadal (l) en Roger Federer na afloop van de finale van de Australian Open. Foto: EPA

Tijdens de Australian Open 2019 was een déjà-vugevoel onvermijdelijk. De 37-jarige Roger Federer werd in de vierde ronde onttroond door een Grieks talent, die hij bij de Hopman Cup schertsend ‘mijn zoon’ had genoemd. De 20-jarige Stefanos Tsitsipas was niet alleen door zijn enkelhandige backhand het evenbeeld van de jonge Federer in 2001 op Wimbledon. Ook toen had de nederlaag van titelhouder Pete Sampras in de vierde ronde tegen een Zwitsers joch met een paardenstaart de allure van een machtsoverdracht.

2019 lijkt eerder het jaar te worden van de hernieuwde tweestrijd tussen Novak Djokovic en Rafael Nadal dan een laatste eruptie van de rivaliteit tussen Federer en zijn Spaanse uitdager. Met de aankondiging dat hij dit jaar terugkeert op het gravel van Roland Garros wekt Federer de indruk dat hij zijn afscheidstournee voorbereidt. Het lijkt immers uitgesloten dat de Zwitserse maestro het grandslamtoernooi in Parijs nog een keer zal winnen.

Stelt Federer evenals voetballer Robin van Persie in wellicht zijn laatste jaar het genot voorop? Zie hoe de 35-jarige aanvaller van Feyenoord in zijn laatste Klassieker voor de competitie tegen Ajax nog één keer de euforie in de Kuip aanschouwt. Van Persie heeft als vanouds geschitterd en zuigt de aanbidding van het Legioen als zuurstof op.

Zo gaat het met Federer bij elk toernooi dat hij nog speelt. Het publiek koestert de oude koning en de adoratie wordt soms overdreven. Het kan immers de laatste keer zijn geweest dat je Federer hebt zien spelen. Hij tennist met een glimlach in de wetenschap dat het mooiste achter hem ligt.

Scherp is het contrast met zijn grootste rivaal, want Rafael Nadal voelde de pijn van de afstraffing door Djokovic in de finale van de Australian Open tot diep in zijn ziel. Nadal keerde na een zoveelste revalidatie terug als ‘Rafa 3.0’, maar ook een betere opslag was op hardcourt onvoldoende om de wederom als een machine tennissende Djokovic te ontregelen.

Ongewenste indringer

Federer en Nadal stonden vanaf de zomer in 2018 allebei in de schaduw van de ‘derde man’, zoals Djokovic ooit werd omschreven door The New York Times. Wie wachtte op een nieuwe held, terwijl de grootste tennissers aller tijden de tennissport regeerden? De 31-jarige Djokovic was de ongewenste indringer, die de boegbeelden van hun voetstuk trok. En ze als nummer 1 van de wereld tot een nieuwe achtervolging dwingt.

Een trotse auteur! Met dank aan uitgeverij @AtlasContact pic.twitter.com/GsdJ7Cq7fg

— Robèrt Misset (@RMisset) February 5, 2019

In november 2018 bereikte Federer voor de vijftiende keer in zestien deelnames de halve finales van de ATP World Tour Finals. In de O2 Arena in Londen bleef een honderdste titel uit, die bewaart hij voor wellicht zijn laatste jaar als tennisprof in 2019.

Federer sprak van een ‘historisch seizoen’, omdat hij in januari bij de Australian Open zijn twintigste grandslamtitel veroverde en een maand later in Rotterdam de oudste nummer 1 van de wereld ooit werd. Wie zal het hem ooit nadoen?

Vanwege blessureleed eindigde het seizoen voor Nadal weer eens voortijdig, maar hij vierde zijn 32e verjaardag met een elfde grandslamtitel op Roland Garros. Nadal is de bokser die na acht tellen weer opstaat en als herboren door de ring danst. Hij betaalt de tol voor de roofbouw op zijn lichaam, maar Nadal heeft vaker gespot met de wetten van de topsport. Ik ben er nog steeds, zei hij in juni 2018 op Roland Garros. En hij blijft nog even.

Roger en Rafa, het tennis kan nog niet zonder zijn belangrijkste iconen

Federer en Nadal wisselden elkaar tot de zomer af als nummer 1. We naderen het einde van misschien wel de grootste rivaliteit in de sport, al blijkt dat wellicht niet uit de tussenstand na 38 partijen: 23-15 voor Nadal. Met daarbij de kanttekening dat Federer de laatste vijf partijen sinds 2015 heeft gewonnen. In 2018 troffen Federer en Nadal elkaar niet op de baan, maar ze worden nog altijd in één adem genoemd. Roger en Rafa, het tennis kan nog niet zonder zijn belangrijkste iconen.

In zijn roman Een nagelaten bekentenis uit 1894 geeft schrijver Marcellus Emants meteen de clou weg. Na de eerste zin ‘Mijn vrouw is dood en al begraven’ biecht de hoofdpersoon op dat hij zijn echtgenote heeft vermoord. Het boek is een fascinerende reconstructie hoe hij tot zijn daad is gekomen.

Bekentenis

Laat ik dus bij deze bekennen dat ik altijd een groot fan van Federer ben geweest. En het is nu eenmaal onmogelijk om net zoveel te houden van zijn grootste rivaal. Je bent voor John McEnroe of Björn Borg, voor de bokser Mohammed Ali of Joe Frazier, de schaker Karpov of Kasparov, voor Ajax of Feyenoord, Roger of Rafa.

Bij de briljante confrontatie tussen Federer en Nadal in de Australian Open-finale in 2017 was de journalistieke distantie even verdwenen. Bewonderen hoort net zo bij mijn vak als verwonderen en kritisch volgen. Hier werd geschiedenis geschreven en ik mocht het vastleggen voor de Volkskrant.

Toen mij in 1972 in de eerste klas van het Ir. Lely Lyceum in Amsterdam werd gevraagd wat ik later wilde worden, antwoordde ik: sportjournalist. Als kind groeide ik op met het Ajax van de jaren zeventig. Johan Cruijff, Piet Keizer en Sjaak Swart vormden de droomvoorhoede.

Swart was mijn jeugdidool. Ik voetbalde begin jaren zeventig bij FC Harlingen en besefte dat ik me met mijn beperkte kwaliteiten als voetballer niet mocht spiegelen aan geniale spelers als Cruijff en Keizer. Sjakie kon fantastisch voetballen, maar hij was een gewone sterveling.

Aan Sjakie vraag ik nog steeds of hij zondag meedoet. Ik weet zeker dat hij zelfs op 80-jarige leeftijd had willen invallen om de schokkende 6-2 nederlaag voor zijn club tegen Feyenoord te voorkomen. Swart roept bij mij dezelfde emotie op als Federer, het verlangen naar de eeuwige jeugd. Cruijff en Keizer zijn al overleden, Swart heeft de dood net zo sierlijk ontweken als ‘die backies’ tussen 1956 en ’73.

Gelukkig is Swart nooit gestopt met voetballen. Hij traint nog steeds, zijn liefde voor de bal is onbegrensd. Het leven is voor Swart een grote rondo, zoals hij die wekelijks organiseert op het veld van Zeeburgia of het Olympiaplein in Amsterdam. Daar mogen oude coryfeeën de bal één keer raken, alsof ze hun glorietijd recyclen. En wordt cabaretier Freek de Jonge gedoogd als deelnemer, omdat hij nog zo fanatiek is.

In gedachten zie ik Federer, Nadal, Djokovic en Murray na hun vijftigste een balletje slaan. Ze lachen na een mooi punt, maar je herkent meteen de tennisgoden van weleer. Nog steeds beleeft Nadal elk punt alsof hij de stormen op de oceaan trotseert, slaat Federer een toverbal uit het niets en legt Murray met zijn ogen dicht de opslagen van al zijn oude tegenstanders weg. Djokovic is nog steeds van elastiek en haalt elke bal.

Uniek tijdperk

De ‘Big Four’ zal levenslang met elkaar verbonden zijn, als vaandeldragers van een uniek tijdperk. Maar Federer en Nadal zijn zelfs losgezongen van hun generatie, ze zijn ook veruit de meest geliefde tennissers. En Federer op afstand de meest gewilde – en best betaalde – artiest bij de toernooien die hij nog speelt.

Roger en Rafa werden een twee-eenheid, elkaars norm en standaard. Ze hebben elkaar opgejaagd en geïnspireerd om zich te blijven verbeteren

Roger en Rafa werden een twee-eenheid, elkaars norm en standaard. Ze hebben elkaar opgejaagd en geïnspireerd om zich te blijven verbeteren. Hun finale bij de Australian Open in 2017 was een ontroerend weerzien met twee grootheden die de tennissport een nieuwe dimensie hebben gegeven.

Federer versus Nadal, een rivaliteit in 15 partijen is tevens mijn liefdesverklaring aan de tennissport. En één speler in het bijzonder. Op 29 januari 2017 voelde ik dan ook een traan opwellen, toen ik geknield voor de televisie heel hard come on Roger riep.

In een sprookjesachtige finale tegen zijn grootste rivaal had Federer een 3-1 achterstand in de vijfde set omgebogen in een 5-3 voorsprong. En nu stond hij op ‘Championship Point’, veel meer dan zomaar een matchpoint. Hier werd een bijna afgebroken keizerrijk in alle luister hersteld en ik was diep ontroerd.

Ik jubelde op Twitter dat Federer en niemand anders de koning was. Ik tikte snel een stuk voor de website van de Volkskrant en liet de finale even bezinken, voor ik in de papieren krant een ode aan Federer bracht.

In 2018 twijfelde ik op Wimbledon over een gedwongen herschikking van mijn voorkeur. De remake van de historische Wimbledonfinale in 2008 tussen Federer en Nadal leek voorbestemd. Ze waren wederom als eerste en tweede geplaatst, moesten elkaar nog één keer treffen in de kathedraal van het tennis.

Stel dat Nadal opnieuw zou winnen van Federer? En na tien jaar wederom de loodzware dubbelslag op Roland Garros en Wimbledon zou voltooien? Moest ik hem dan niet promoveren tot de beste tennisser ooit? Mijn bewondering voor Nadal is alleen maar gegroeid op Wimbledon. Op zijn minste ondergrond speelde hij misschien wel zijn beste tennis, tegen Juan Martin del Potro en Djokovic.

Voor mij blijft King Roger de grootste tennisser aller tijden. Daarvan heb ik nooit een geheim gemaakt. Ook niet in dit boek.

Federer hoeft Wimbledon niet voor de negende keer te winnen om zijn plaats in de geschiedenis veilig te stellen. Al vrees ik dat zijn record van twintig grandslamtitels niet onaantastbaar is. Nadal staat op zeventien, Djokovic na zijn zevende eindzege bij de Australian Open op vijftien.

Wie weet constateren we over enkele jaren dat Djokovic zowel Federer als Nadal heeft overtroffen, als enige tennisser won hij reeds alle Masters 1000 toernooien. Maar ook titels zijn getallen. Voor mij blijft King Roger de grootste tennisser aller tijden. Daarvan heb ik nooit een geheim gemaakt. Ook niet in dit boek.

Nieuws

menu