Friese turnclubs zijn geschrokken van bekentenissen en onderzoek naar misstanden, maar merken zelf nauwelijks negatieve effecten

Het Nederlandse turnen ligt dankzij tal van verklaringen over misstanden binnen de sport onder een vergrootglas. Op verenigingsniveau valt daar ondanks onderzoek naar de aard en omvang van dat grensoverschrijdende gedrag echter nog weinig van te merken, blijkt uit een rondgang langs diverse Friese clubs.

De evenwichtsbalk waarop zoveel turners en turnsters hun kunsten vertonen.

De evenwichtsbalk waarop zoveel turners en turnsters hun kunsten vertonen. Foto: ANP

Anneke Siersema weet nog goed wat ze dacht, toen een interview met Gerrit Beltman in het Noordhollands Dagblad vorige zomer een schokgolf door de Nederlandse sportwereld liet gaan. Dat er in het verleden vooral in Oost-Europa en China wel eens inhumaan met turnsters om werd gegaan, had het bestuurslid van de Drachtster Gymnastiek Combinatie (DGC) vaak genoeg gehoord. ,,Maar nu kwam het plotseling dichtbij, terwijl ik dacht dat de manier van coachen de afgelopen decennia juist bij ons flink verbeterd was.”

Nieuws

menu