Op de eerste afspraak in de vrije formatie in Heerenveen is het gelijk weer prijs voor het partuur van Marten Bergsma (koning), Dylan Drent en Hendrik Kootstra

Klasse verloochent zich nooit. Marten Bergsma, Dylan Drent en Hendrik Kootstra vormden vorig seizoen - ook al grotendeels gemankeerd door corona - het succesvolste partuur op de Friese kaatsvelden. En op de eerste afspraak dit seizoen in de vrije samenstelling, de Masters in Heerenveen, was het gisteren gelijk weer prijs.

En dat is één lijkt Dylan Drent (m) tegen zijn maten Hendrik Kootstra (l) en Marten Bergsma te willen zeggen na de overwinning  op de 22e Masters in Heerenveen.

En dat is één lijkt Dylan Drent (m) tegen zijn maten Hendrik Kootstra (l) en Marten Bergsma te willen zeggen na de overwinning op de 22e Masters in Heerenveen. Foto: Henk Jan Dijks

In de eindstrijd bood het nieuwe partuur Enno Kingma, Kees van der Schoot en Menno van Zwieten dapper tegenstand, maar moest het uiteindelijk toch buigen. Bergsma werd tot koning gekroond.

Die uitverkiezing dankte de opslager uit Minnertsga aan een stabiel optreden. Vlekkeloos was hij in de halve eindstrijd tegen Gert-Anne van der Bos, Taeke Triemstra en Erwin Zijlstra, de nieuwe man in het partuur. Van der Bos c.s. hadden in de eerste omloop indruk gemaakt door Tjisse Steenstra, Renze Hiemstra en Hans Wassenaar te elimineren, maar tegen trio Bergsma liep het vanaf het begin achter de feiten aan.

Dat drukte zwaar op de foutenlast van trio Van der Bos, terwijl partuur Bergsma uit de vroege voorsprong juist inspiratie haalde. Zonder enige kans gehad te hebben legde partuur Van der Bos op 5-2 en 6-4 het moede hoofd in de schoot.

Die kansloze nederlaag was verrassend, zeker gezien het feit dat Van der Bos c.s. - in eendrachtige samenwerking trouwens met hun tegenstanders Tjisse Steenstra, Renze Hiemstra en Hans Wassenaar - in de eerste omloop nog een masterclass kaatsen hadden weggegeven.

Beste partij

Kaatsjournalist Jan Braaksma noemde het ‘de bêste keats-partij dy’t ik yn jierren sjoen ha’. En inderdaad: zes buitenslagen, veertien zitballen en twintig bovenslagen. Het zijn cijfers die je niet elke week op de kaatsvelden ziet, zeker niet in de hoofdklasse. Uiteindelijk trok partuur Van der Bos, onder aanvoering van de Mantgumer opslager himself , aan het langste einde: 5-3 en 6-4.

Bij de verliezend finalisten was de blik vooral gericht op Menno van Zwieten. De Heerenvener maakte de afgelopen jaren in de hoofdklasse furore als opslager, maar toen hij halverwege het vorige seizoen (na een aantal pijnlijke missers bij een volle telegraaf) te horen kreeg dat hij dit seizoen zou moeten wijken voor Tjisse Steenstra had hij een probleem. Alle uitslagers van enige importantie hadden namelijk al gesteld. As it net kin sa’t it moat, dan moat it mar sa’t it kin , moest Van Zwieten toen gedacht hebben. En zo is Van Zwieten, als vervanger van Erwin Zijlstra, nu achterinse en (tweede) opslager bij Enno Kingma en Kees van der Schoot.

Sterke opslag

Het was duidelijk dat het opslagersgilde de capaciteiten van Van Zwieten als achterinse wel eens wilde testen en dus kreeg Van Zwieten het gros van de ballen ‘op zijn dak’. Hoewel hier en daar wat onwennig kweet hij zich uitstekend van zijn taak.

En zo staat er een perk dat er best mag zijn, want de altijd fanatieke Kees van der Schoot is inmiddels een doorgewinterde voorinse. Maar de echte kracht van het partuur ligt natuurlijk aan de opslag, waar Van Zwieten zonder aarzeling de opslag van Kingma over zou kunnen nemen. Bovendien weten de beide opslagers dat Van der Schoot op de boven zijn zaakjes prima voor elkaar heeft.

En zo zou partuur Kingma best eens de verrassing van het seizoen kunnen worden. Marten Bergsma schaart het trio in ieder geval bij de vier beste parturen. Het liet trouwens onverlet dat trio Kingma in de halve finale alle moeite had om Jelle Attema, Gabe-Jan van Popta en Pieter Jan Leijenaar van het lijf te houden. Zelfs nadat Attema zich vanwege een knieblessure moest beperken tot balkeren brak dat het verzet bij zijn maten niet. Uiteindelijk kwam voor trio Kingma alles nog goed toen Van der Schoot op 5-5 en 6-4 bovensloeg.

Net voor de finale speelde Kingma ‘hoog spel’ door het journaille uit te dagen met de mededeling dat hij na twee omlopen nog op ‘nul streekjes’ (opslagmissers) stond. Daar was geen speld tussen te krijgen, maar het was wel vragen om problemen. En die kwamen er ook, want de finale was nog maar amper aan de gang of Kingma stond al op drie streekjes. Maar hoe dan ook, alle lof voor Kingma’s bravoure. En bovendien, ere wie ere toekomt, sloeg Kingma in de eindstrijd ook tweemaal op zes gelijk een zitbal.

Nadat in die finale de eerste acht bordjes om en om waren verdeeld pakte trio Bergsma, onder aanvoering nu van een op stoom gekomen Kootstra, het laatste spel. Of zo’n eerste overwinning een voorbode is voor nogmaals een sterk seizoen? Wellicht dat daar morgen in Stiens al iets meer over gezegd kan worden.


Prijswinnaars: 1. Marten Bergsma (Minnertsga), Dylan Drent (Harlingen) en Hendrik Kootstra (Minnertsga), 2. Enno Kingma (Leeuwarden), Kees van der Schoot (Sexbierum) en Hans Wassenaar (Bitgummole).


Eerste omloop: 1. Marten Bergsma, Dylan Drent en Hendrik Kootstra - 2. Bauke Triemstra, Pieter Jan Plat en Sjoerd de Jong 5-1 en 6-6, 3. Tjisse Steenstra, Renze Hiemstra en Hans Wassenaar - 4. Gert-Anne van der Bos, Taeke Triemstra en Erwin Zijlstra 3-5 en 4-6, 5. Enno Kingma, Kees van der Schoot en Menno van Zwieten - 6. Haye Jan Nicolay, Jelte Visser en Evert Pieter Tolsma 5-0 en 6-2, 7. Jelle Attema, Gabe-Jan van Popta en Pieter Jan Leijenaar - 8. Remmele Bouma, Bauke Dijkstra en Thomas van Zuiden 5-2 en 6-4. Halve finales: 1. Marten Bergsma c.s. - 4. Gert-Anne van der Bos c.s. 5-2 en 6-4, 5. Enno Kingma c.s. - 7. Jelle Attema c.s. 5-5 en 6-4. Finale: 1. Marten Bergsma c.s. - 5. Enno Kingma c.s 5-4 en 6-2.