Bij VVI uit Idskenhuizen is de mouwen opstropen, voetballen en niet zeuren al 75 jaar lang het credo

Vol bewondering kijken Friese voetbalclubs naar het 475 inwoners tellende Idskenhuizen, waar de plaatselijke trots VVI al twaalf jaar lang in de tweede klasse speelt. Het achterland draagt al 75 jaar bij aan een succesformule.

Pieter Taconis (rechts) en Christiaan van Doorn op het veld van VVI in Idskenhuizen.

Pieter Taconis (rechts) en Christiaan van Doorn op het veld van VVI in Idskenhuizen. Foto: Marco Keyzer

Eens in de zoveel tijd krijgt Nederland last van Oranjekoorts. Na de zege die het Nederlands elftal zondag boekte tijdens het Europees kampioenschap voetbal, zijn de oranje vlaggetjes weer ruim aanwezig in het straatbeeld. Oranjekoorts is in Idskenhuizen niets bijzonders, maar al 75 jaar de normaalste zaak van de wereld. Voetbalvereniging Idskenhuizen (VVI) leeft, ook in een periode dat de bal niet rolt.

Festiviteiten uitgesteld

Het is maandagavond en Fryslân koelt gestaag af na een warme zomerdag. Vanaf sportcomplex De Stripe klinken geluiden die het afgelopen jaar niet zo gewoonlijk waren. Het geluid van de zaterdagmiddag, verstopt op een midweekse avond. De bal rolt alweer een paar weken écht in Idskenhuizen, nu ook de senioren die ouder zijn dan 26 jaar weer met elkaar een partij mogen spelen. Voorzitter Christiaan Doorn en secretaris Pieter Taconis genieten van het beeld, van de geluiden en van de omstandigheden.

Een jubileumfeest zit er dit jaar nog niet in. Vandaag viert de club zijn 75e verjaardag daarom in alle stilte. De festiviteiten zijn met een jaar uitgesteld wegens het coronavirus. Van een feestje zijn ze doorgaans niet vies in Idskenhuizen, maar het uitstel van de jubileumviering kon op alle begrip rekenen.

Het geheim

Wat is toch het geheim bij deze - met alle respect - bescheiden dorpsclub? Hoe krijgt een dorp van 475 inwoners een eerste elftal op de been dat al twaalf jaar in de tweede klasse acteert? Taconis (57) wijst meteen naar de regio. ,,Het achterland. Bij VVI spelen niet alleen jongens uit Idskenhuizen, maar ook uit dorpen als Sint Nicolaasga, Scharsterbrug, Langweer. Dat is altijd zo geweest. Vanaf de oprichting komen de leden uit onze omgeving, zoals de familie Semplonius uit Tjerkgaast.”

Nu scheelt het dat er in die dorpen geen concurrentie is. Alleen Langweer en Sint Nicolaasga herbergen nog een voetbalclub, maar die zijn actief op zondag en dat botst dus niet met zaterdagclub VVI. Met de buurmannen Renado en vv Langweer heeft VVI al jarenlang een succesvolle jeugdsamenwerking, waar alle drie de Friese clubs van profiteren. ,,Ik ben zelf opgegroeid in Sint Nicolaasga en woon er nog steeds”, vertelt Taconis. Mijn vader en moeder wilden niet dat ik op zondag ging voetballen, dus daarom werd ik lid bij VVI.”

Een beslissing waar hij nooit spijt van heeft gekregen. Bijna twintig jaar droeg hij het shirt van het eerste elftal, een periode waar hij nog warme herinneringen aan bewaart. ,,Wij hadden in die tijd ook een ploeg die altijd bij elkaar kwam. Als mensen trouwden, was iedereen er. Waar normaal gesproken de aanvoerder wel even zijn zegje doet op de bruiloft, voerden wij met het hele team een stukje op dat wel een halfuur kon duren. Die reputatie hadden we op een gegeven moment ook. Zingen konden we gelukkig wel. Het clublied van VVI hebben wij een paar jaar geleden ook geschreven. Met die ploeg ‘ouwe mannen’ zitten we normaal gesproken op donderdag in de kantine. Een man of vijftien van mijn leeftijd. Dat verveelt nooit.”

Jouster voorzitter

VVI is een club die bestaat uit 230 leden. Zeventig leden komen uit Idskenhuizen, om maar eens aan te geven hoe belangrijk het achterland is. Ook de voorzitter komt van buitenaf. ,,Ik ben een Jouster”, zegt preses Christiaan Doorn. De 37-jarige oud-speler van het eerste - nu van het derde - kreeg in oktober 2020 de voorzittershamer overgedragen.

Toen VVI nog in de vijfde klasse speelde, kwam Doorn over van SC Joure, dat toen acteerde in de derde klasse. ,,Harmen Kuperus (huidige keeperstrainer van Fortuna Sittard, red.) vroeg of VVI niet een club was voor mij. Ik was er nog nooit geweest, maar hoorde wel goede verhalen over de club. Ik heb toen na afloop van het seizoen een avond meegetraind en ben nooit meer weggegaan. Ik werd met open armen ontvangen, mensen waren oprecht geïnteresseerd in wie ik was en ik voelde me er meteen thuis.”

Doorn maakte deel uit van een gouden lichting. Met dank aan geroutineerde spelers die van een stapje hogerop terugkwamen bij VVI en een talentvolle jeugdlichting veranderde VVI van een vijfdeklasser binnen vier jaar tijd in een stabiele tweedeklasser. ,,De kampioenswedstrijd in de vijfde klasse vergeet ik nooit weer”, aldus Doorn. ,,Thuis tegen Flamingo, dat aan een punt genoeg had voor de titel. Voor het oog van zo’n 2500 supporters werden wij kampioen in 2007. Daarna hebben we niet meer omgekeken als club.”

Chauffeur voor VVI-uit

De sfeer bij VVI is, zeker op wedstrijddagen, ongekend. Het knusse en door bomen omringde terrein, de sfeervolle kantine en de vriendelijke mensen. Voor sommige clubs uit de regio is het lastig om een chauffeur te vinden als ze in Idskenhuizen moeten spelen, want het kan er al snel gezellig en laat worden. ,,Dat vinden wij prachtig om te horen”, klinkt het in koor bij Doorn en Taconis. ,,De gezelligheid, de saamhorigheid en het gastvrije hoort allemaal bij onze identiteit. Daar zijn we maar wat trots op”, aldus Doorn.

Een trouwe sponsorgroep die gezamenlijk opereert als clubsponsor. Een prachtig complex. Vier herenteams en een damesteam in de senioren. VVI bruist anno 2021 niet minder dan kort na de oprichting in 1946. Zelfs als er in tijd van een globale pandemie niet gevoetbald wordt, blijft het VVI-gevoel overeind. ,,We hebben heel actieve leden die van alles organiseren. Een quiz, een autospeurtocht, online draaiend rad, je kunt het zo gek niet verzinnen”, vertelt Taconis met een lach. ,,Zo steken de mensen hier in elkaar. ‘Mouwen omheech en balje: gjin geseur.’ Het is niet voor niets een zin uit ons clublied.”