Met een verbeten trek op het gezicht krijgt Friezin Sanne Vermeer de Spaanse Cristina Cabana Perez op het EK in Portugal onder de duim.

Voor Sanne Vermeer uit Stiens is het WK judo even belangrijker dan de Olympische Spelen van 2021 in Tokio

Met een verbeten trek op het gezicht krijgt Friezin Sanne Vermeer de Spaanse Cristina Cabana Perez op het EK in Portugal onder de duim. Foto: ANP

Voor judoka Sanne Vermeer is het WK in Boedapest het toernooi van het jaar. De 23-jarige inwoonster van Stiens had het graag anders gezien, maar de wereldtitelstrijd is nu net even belangrijker dan de Olympische Spelen.

Geen enkele sporter zou dat met zoveel woorden zeggen. Sanne Vermeer ook niet, maar de deur naar Tokio, die vanwege de corona pas een jaar later opengaat dan gepland, is eind 2019 al voor de neus van de Friezin dichtgeslagen.

Haar Limburgse rivale in de categorie tot 63 kilogram, Juul Franssen, is door de judobond al in een vroeg stadium – terwijl Vermeer vanwege een volledig afgescheurde hamstring in de lappenmand zit – genomineerd voor de Spelen. En daar is geen speld tussen te krijgen.

,,De Olympische Spelen is iets dat ik heel graag wil, maar voor nu heb ik er vrede mee”, zegt Vermeer, die niets ziet in de Polling-strategie, om de keuze van de bond te bestrijden en haar gelijk te halen in de rechtszaal. ,,Zo zijn de regels nu eenmaal. Maar als er een kans was geweest om het aan te vechten, dan had ik dat gedaan. Maar ik zag dat niet zitten. De keuze voor Franssen was, zo heb ik later gehoord, gebaseerd op de twee WK-medailles (brons in 2018 en 2019, BK) die ze had behaald en dat was voor mij niet meer in te halen.”

Het herstel

Daar had Sanne Vermeer ook zonder haar onfortuinlijk glijpartij in Lissabon, in november 2019, niets aan kunnen veranderen. Na de medische ingreep heeft de Stienser judoka in alle rust, mede dankzij de corona, en uit de buurt van de tatami aan haar herstel kunnen werken. Daar stond zeven tot veertien maanden voor. ,,Dat is niet in mijn nadeel geweest. Door de corona kon niemand judoën en er waren geen trainingsstages en toernooien voor de concurrentie. En ik hoefde mezelf niet op te jagen en geforceerd te gaan beginnen.”

Vermeer gebruikte de periode om maximaal aan krachttraining te doen. ,,Ik was al sterk, maar heb keihard gewerkt om nog wat sterker te worden tijdens de revalidatie. Ik ben er sterker uitgekomen. Dat is een cliché, maar bij mij is dat letterlijk het geval.”


En dat resulteerde in een sterke comeback in januari van dit jaar in Qatar. Veertien maanden na haar onfortuinlijke blessure. Het vormde de opmaat voor een reeks van vier toernooien, waarin ze vier keer het brons opeiste. ,,Dat had ik van tevoren niet verwacht. Ik had zelfs verwacht dat de lijn qua ontwikkeling wat zou dalen, maar die is juist geleidelijk blijven stijgen. Dat heeft me positief verrast.”

Stijgende lijn

De Friezin hoopt die stijgende lijn de komende week in Boedapest door te trekken op het WK. Voor haar seniorentijd was ze al eens twee keer de beste van de wereld. ,,Het is voor mij het belangrijkste toernooi van het jaar en daar wil ik presteren. Ik ga er met vertrouwen naar toe, maar het is ook wel weer spannend om terug te zijn. Dat maakt me wel wat zenuwachtiger”, bekent Vermeer, die haar studie fysiotherapie in die week even links laat liggen. ,,De echte zenuwen komen pas als ik daar ben. En de beleving ook.”

Woensdag is normaal gesproken haar vrije dag, waarop ze extra aandacht besteedt aan haar studie. Maar niet op woensdag 9 juni, want dan moet het gebeuren voor Sanne Vermeer, die twee jaar geleden vijfde werd. Dan staat de wereldtitelstrijd in de klasse tot 63 kilogram op de rol.

In de week voorafgaande aan de wereldtitelstrijd maakte de Friezin zich niet zo druk meer. ,,Dan doe ik wat ik altijd doe. Wat explosief werk en lekker blijven bewegen. Het lichaam rust geven en de puntjes op de i zetten.”

Sanne Vermeer hoopt in Boedapest haar vier bronzen medailles van de afgelopen vijf maanden te kunnen vergulden. ,,Dat zou mooi zijn, maar ik wil in de eerste plaats goed judoën en laten zien wat ik kan. Dat ik tevreden kan zijn over de partijen zelf en kan zeggen dat ik er alles aan gedaan heb. Dan is het wat mij betreft geslaagd”, zegt de Friezin. ,,En als ik een medaille haal, natuurlijk. Een WK is wat dat betreft niet het gemakkelijkste toernooi en nu met de Spelen op de achtergrond zullen er nog meer judoka’s zijn die willen presteren.”

Eens in vier jaar

En de Olympiade? Die heeft Vermeer nog absoluut niet uit haar hoofd gezet. ,,Ik richt me op de spelen van 2024. En anders op die van 2028. Ik denk niet dat ik stop voor ik bij de Olympische Spelen ben geweest en goud heb gewonnen. Dat laatste is geen zekerheid, maar dat eerste wel”, zegt ze vastberaden over het grootste mondiale sportevenement.

,,Het is maar wat je er zelf van maakt. En wat de sport er van maakt. Er mag maar één judoka per gewichtsklasse naar toe en dat maakt het zo bijzonder. En dat het eens in de vier jaar plaats heeft.”